dinsdag 21 november 2017
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
Bernardus Adrianus Bakx - Het Verliefde Stelletje
Gepubliceerd op: 08-10-2017 Aantal woorden: 601
Laatste wijziging: - Aantal views: 73
Easy-print versie Aantal reacties: 0 reacties

Het Verliefde Stelletje

Bernardus Adrianus Bakx


Het Verliefde Stelletje.


Hij draaide zich beledigd om, althans dat probeerde hij. 'Ik geloof dat ik zo van streek ben door jouw opmerking,' sprak hij op boze toon tegen haar, 'dat ik mij amper kan bewegen!' Hij probeerde driftig zijn kleine voetjes te bewegen maar het wilde hem maar niet lukken.
Zij keek hem geamuseerd glimlachend, maar ook strak aan, en antwoordde: 'Wat kan jij overdrijven zeg. Ik bedoelde alleen maar te zeggen dat je geduld moet hebben. We staan nu te ver van elkaar af, of heb je dat zelf nog niet door?'
Hij zuchtte eens diep, en staakte zijn verwoede pogingen om dichter bij haar in de buurt te komen. Het drong langzaam tot hem door dat het toch niet zou lukken; hij liep slechts de kans dat zij alleen maar nog bozer op hem zou worden.
Berustend in zijn situatie zei hij, op een wat rustiger toon: 'Misschien heb je wel gelijk en staan we inderdaad te ver af van elkaar. Maar we zouden het moeten blijven proberen, vind je ook niet?'
Kalm voor zich uit starend antwoorde zij, op milde toon: 'Dat vind ik ook wel, want je moet geloven dat ik je een erg aardig figuur vindt. Maar het is nu eenmaal op dit moment onmogelijk om iets aan de situatie te veranderen.'
Hij, op zijn beurt, probeerde haar diep in de ogen te kijken maar ook dat wilde maar niet lukken. Teleurgesteld sprak hij: 'Maar dat is het hem nou ook: ik vind jou ook erg aardig maar ik kan je het niet laten merken door je te knuffelen of zoiets, n dat vind ik heel jammer, dat begrijp je toch wel?'
Licht blozend door zo'n heftige liefdesverklaring antwoorde zij: 'Nou, dat is nu precies wat ik zeggen wilde met, dat we geduld moeten hebben'.
Ach ja, laten we er maar over ophouden. Je hebt zoals gewoonlijk weer gelijk,' antwoorde hij berustend. ‘Eens, als we toevallig een keer dicht genoeg bij elkaar worden gezet, dan zal ik je kunnen kussen.’
Het vrouwtje slaakte een luide diepe zucht van onmacht. Hierna hielden ze allebei hun mond stijf dicht, wat Opoe Mulders na enige tijd begon op te vallen omdat ze er nu wel aan gewend was geraakt dat dat ruziemakende stelletje op de schoorsteenmantel nooit hun mond konden houden; ze kletsten ononderbroken dag en nacht tegen elkaar.
‘Ik zal jullie maar weer een plezier doen,’ sprak Opoe zachtjes voor zich uit. ‘Ik weet precies waar het aan schort, kleine ruziemakers!’
Ze lag haar puzzelboekje en leesbril neer op tafel, en stond toen langzaam op van haar comfortabele stoel met het dikke zitkussen en strompelde naar de schoorsteenmantel.
‘Zo, ik denk dat jullie nu wel tevreden zullen zijn, niet?’ sprak ze op vriendelijke toon. ‘Maar doe wel wat rustig aan hè?’
Ze had de twee prachtig aangeklede stenen poppetjes, die ze jaren geleden van haar nu overleden man had gekregen, dicht tegen elkaar aan gezet en kon niet aan de indruk ontkomen dat op het gezicht van het mannetje heel kort een glimlach was te zien, en dat het vrouwtje een paar keer met haar ogen knipperde.
Met een glimlach van tevredenheid om haar mond draaide Opoe Mulders zich om en liep naar de tafel, die in het midden van de huiskamer stond, om weer plaats te nemen in haar comfortabele stoel.
Het was nu muisstil in huis maar toch hoorde Opoe een heel zacht geluidje wat erg op een smakkende kus leek.









© Ben Bakx 2017


Er zijn geen reacties op deze tekst.


Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2017 Geoffrey Reemer en René Claessens