dinsdag 16 oktober 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
kees niesse - Wulpse Alie vertelt haar verhaal
Gepubliceerd op: 10-10-2014 Aantal woorden: 1194
Laatste wijziging: - Aantal views: 1404
Easy-print versie Aantal reacties: 0 reacties

Wulpse Alie vertelt haar verhaal

kees niesse



Wulpse Alie vertelt haar verhaal


Alie woonde in het dorp in dezelfde straat als ik, maar omdat de woningen tot krotten werden verklaard moesten de bewoners verhuizen. Ik woonde tegenover het oude echtpaar Wouter en Mien en wulpse Alie naast Wim de bijbelvorser. Vaak heb ik gezien, dat hij met zijn bijbel bij Alie naar binnen ging. Even later zag ik, dat de gordijnen in de slaapkamer dicht werden geschoven, dus nam ik aan, dat Wim bijbelles gaf op het bed van wulpse Alie.

Mij werd een woning toegewezen tien kilometer verderop, aan de rand van een heideveld en een groot bos. Ik woonde daar wel eenzaam, maar gelukkig kwam vijfhonderd meter van mij vandaan wulpse Alie te wonen. Zij was gescheiden en kwam vaak bij mij koffie drinken en gingen we samen naar Assen boodschappen doen. Vanmorgen was ze er weer en zei ze:
''Zal ik mijn verhaal eens vertellen?''

''Dat vind ik leuk buurvrouw, ik luister, want ik ben gek op verhalen.''
Ze begon:
''Ik was achttien en nog thuis bij vader en moeder op de boerderij. Ik vrijde wel eens met Martijn, een zoon van een boer aan de overkant van de weg. Mijn vader had een hekel aan hem. Hij vond hem maar brutaal en een praatjesmaker. Was ook al een paar keer door de politie opgepakt. Vader verbood mij omgang met hem te hebben, maar toch had ik stiekem contact met hem. Ik vond hem een leuke aardige jongen.

Op een warme zondagmiddag zijn we samen naar de hooizolder gegaan. We waren allebei opgewonden en zoenden elkaar hartstochtelijk. Hij werd zo wild, dat hij mijn onderbroek naar beneden trok. Dat vond ik niet goed, maar hij had het al gedaan en gooide de broek naar beneden op de begane grond. Toevallig liep vader daar en zag die broek daar op de grond liggen.

Ik hoorde hem vloeken en schelden en kwam de trap op naar de hooizolder. Hij greep Martijn bij zijn flikker en gooide hem bijna naar beneden en riep:
''Naar beneden jij en ik wil je hier niet meer zien, opgedonderd, vort.''
Martijn maakte dat hij wegkwam, want vader was niet gemakkelijk. Vervolgens duwde hij mij de trap af en sleurde me naar een kamertje onder de begane grond van de boerderij. Ik mocht mijn hondje meenemen. Ik werd daar gewoon opgesloten en van de buitenwereld afgesloten.

De knecht van vader stopte mij door een zware Luik eten en drinken toe. Het was daar kil en een klein lampje zorgde voor licht.
''Zeg buurvrouw, vond je moeder dat wel goed, dat is toch onmenselijk om je eigen vlees en bloed zo te behandelen?''
''Die was nog erger dan vader. Ze liep altijd te schelden tegen mij. De moeder van Martijn is toen naar mijn vader gegaan en vroeg opheldering waar ik was. Toen kreeg vader kennelijk wroeging van zijn daad en wilde mij weer vrij laten, maar moeder wilde daar niets van weten, want ze was veel te bang, dat ik weer naar Martijn ging.

Ik bleef onder de grond opgesloten en ik had geluk met mijn hondje, want staande op een kast begon hij op een gegeven moment met zijn pootjes aan het dak te krabben, totdat er een opening kwam die groot genoeg was om het hondje naar buiten te duwen. Zelf begon ik met blote handen ook te graven. Het gat werd zo groot, dat ik er zelf doorheen naar buiten kon kruipen. Het was nacht, dus niemand had mij gezien. mijn hondje stond mij op te wachten, zo intelligent was het beest. Samen liepen we van de boerderij weg.

Ik wilde mijn ouders niet meer zien, ik haatte hen vreselijk. Al gauw kwam ik bij het huis van mijn vrijer. Iedereen sliep, want het was al drie uur. Ik kreeg een idee en zette een ladder tegen de muur onder het raam van de kamer waar Martijn sliep. Voorzichtig klom ik de ladder op met het hondje onder mijn arm. Zachtjes tikte ik tegen het raam.

Even later werd het gordijn open geschoven. Ik zag het verbaasde gezicht van Martijn. Hij liet mij binnen, maar van harte ging het niet. Hij zei, dat hij weer vroeg naar zijn werk moest. Het hondje blafte even. Ik omhelsde hem, maar hij deed dat niet van harte. Opeens hoorde ik van dichtbij iemand kuchen.
''Wat is dat Martijn?'', vroeg ik. Hij knipoogde naar mij en zei:
''Dat zal vader wel zijn, die slaapt hiernaast.''
Hij keek op zijn horloge en zei:
''Meid, je moet weer naar huis gaan, ik moet morgenochtend weer vroeg op. Als ze je weer opsluiten, bel ik de politie, die komen je wel dan bevrijden.''
''Ik wil bij je slapen Martijn, ik houd van je. Ik ga niet meer naar mijn ouders, ik haat ze.''

''Dat kan niet lieverd, je moet naar huis gaan.''
Weer hoorde ik iemand hoesten. Dat moest hier in de kamer zijn, dacht ik. Ook mijn hondje reageerde op dat hoesten en begon te blaffen. Ik zag, dat het zweet bij Martijn op zijn voorhoofd kwam te staan, en ik vroeg:
''Is hier iemand Martijn en ik keek onder het bed. Tot mijn grote schrik zag ik de mij bekende Greetje, een boerendochter. Ze lag helemaal naakt onder het bed.

Met een kwade blik van afkeuring keek ik naar hem en zei:
''Wat moet dat betekenen, schurk. Je lag met haar te rommelen hé, wat ben je toch gemeen. Ik walg van je.''
Ik pakte mijn hondje op en liep hevig huilend de gang op. De vader van Martijn hoorde dat lawaai en kwam zijn bed uit en trof mij met het hondje hevig bedroefd aan. Vervolgens rende zijn vader naar de kamer van Martijn en zag nog net op tijd, dat Greetje de ladder afdaalde.

''Wat moet dat betekenen, Martijn?''
''Vader, Alie mocht van haar ouders niet meer met mij omgaan, daarom heb ik verkering aangeknoopt met Greetje. Die heb ik vannacht stiekem binnen gelaten. Ze wilde bij mij slapen. Toen het ongeveer drie uur was hoorde ik tikken tegen het raam. Ik zag toen, dat Alie de trap op was geklommen. Ze wilde naar binnen. Ik heb nog tegen haar gezegd, dat ze naar huis moest gaan, maar dat wilde ze niet.

Toen heb ik gauw Greet onder het bed geduwd en het raam geopend. Alie kwam binnen, maar hoorde Greet hoesten. Ze keek toen onder het bed en zag haar. Alie werd natuurlijk woest, dat begrijp ik, want ze was mijn meisje. Ze vertelde, dat haar ouders haar hadden opgesloten. Ze is toen schreeuwend de gang opgelopen. Ik mag met haar niet meer omgaan, zo is het gebeurd, vader.''

Zijn vader was een lieve man en begreep de situatie en kreeg medelijden met mij. Na een paar jaar is zoon Martijn met Greet getrouwd en hebben het ouderlijk huis verlaten. De vader van Martijn is toen met mij getrouwd, maar helaas kort daarna overleden.''

Kees Niesse.









Er zijn geen reacties op deze tekst.


Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en René Claessens