zaterdag 20 januari 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
Henk Gruys - Heidewitzka's Pogingen - Afl. 15 van 29
Gepubliceerd op: 26-11-2011 Aantal woorden: 2059
Laatste wijziging: 10-11-2015 Aantal views: 1141
Easy-print versie Aantal reacties: 0 reacties

Heidewitzka's Pogingen - Afl. 15 van 29

Henk Gruys


Hij keek telkens naar het groepje. Het was aangegroeid tot een man of twintig. Maar op een of andere wijze gedroeg het zich niet zoals een groepje jongeren normaal bijeen staat om te kletsen, of naar meisjes te fluiten. Het gaf het idee dat ze ergens op wachtten, de omgeving in de gaten hielden. Er gaat daar iets gebeuren, dacht Van Gesink. Verdorie, die bus komt maar niet! In zijn blikveld het half afgescheurde biljet dat in het bushuisje was geplakt: "Woensdagavond negen uur Jeugdsocieteit Drie In De Pan: The Scuds, met zang van Loekie Knal. Zaterdagavond half elf: de tienmansformatie: "Vliegende Tering."
Als die bus niet gauw komt, hoeft het niet meer, dacht hij. Men ziet dat men zonder auto nauwelijks kan functioneren... En toch had hij geen enkele maatregel getroffen om dat euvel op te lossen; hij verbleef de laatste tijd in een t inerte stemming om er een te huren, was zelfs niet op het idee gekomen een taxi te nemen... Hij keek voor de verandering maar weer eens de andere kant op, de richting waar de bus niet vandaan moest komen.
Toen voelde hij een hand op zijn wang. Een kort lachje: Mathilde! "Wat sta jij hier? Auto nog niet gemaakt?"
"H Mathilde!" Het klonk door de verrassing iets enthousiaster dan hij kon verantwoorden. "Ik schrik van je!"
"Slecht geweten zeker. Verder alles goed?"
Ze droeg een zwart flanellen jasje over een zwarte lange broek; zelden had hij haar zo flatteus gezien.
"En jij?" vroeg hij om zijn gedachten daarvan af te leiden, "nog steeds druk?"
"Ja... En nu allebei aangewezen op de stadsbus, stom niet? Maar morgen krijg ik eindelijk mijn wagen terug; heeft lang geduurd wat dt tegenwoordig is..."
"Bij mijn garage zijn het zakken," zei hij, "vreselijk. Dat duurt nu al een week. Ja meneer, speciaal onderdeel besteld in Japan, kan ieder ogenblik binnenkomen, dat soort lulkoek. Je een andere auto te beschikking stellen? Hoe komt u erbij meneer! Als ik dat geweten had, had ik beter een andere kunnen kopen. En dan niet daar natuurlijk..."
"Hoe is dat eigenlijk in Uitdam afgelopen?"
"Dat was niks. Arnoud heeft de boel belazerd, 'n adres opgegeven dat in Uitdam helemaal niet bestond."
"Ik dacht het wel. Nep voor honderd gulden!.. Dus ben je daar helemaal voor niks naartoe gereden?"
"Ja als ik hem spreek zal ik het hem nog wel eens stevig inpeperen."
"En verder nog iets gehoord?"
"Nee. De toestand is stabiel te noemen." Van Gesink dacht: haar te vertellen van dat rare telefoontje over Suversandt... nee dat doe ik toch maar niet; het is nodeloos en stompzinnig. "Ik heb nog wel de politie op bezoek gehad, een of andere maffe inspecteur; wist ook niks... Ik schrok me rot, dacht dat er iets met jullie was gebeurd, maar hij wou alleen wat inlichtingen. Het leek meer of hij om een praatje verlegen was; een efficinte organisatie is daar tegenwoordig ver te zoeken, hoor. Ik heb nog geprobeerd om hem met Arnoud in contact te brengen, maar dat is door domme pech niet gelukt."
"Ben je dan er nog steeds van overtuigd dat die op de hoogte is?" vroeg Mathilde. "Daar geloof ik niets van, die kletst maar wat."
"Dat zeg je nu, maar die inspecteur had er wel oren naar hoor! En het was toch mooi geweest? Onze Arnoudje beschuldigd van brandstichting met mij als getuige en vervolgens door de politie doorgezaagd over het adres van Rosita..."
"Heb je hem dat verteld van die brand? Zeg eerlijk... was dat niet een beetje een persoonlijke wraakneming? Wat kan jou dat nou schelen?.. Die jongen fantaseert maar wat om interessant te doen, dat weet je toch langzamerhand wel."
"Het was in ieder geval een uitgezochte gelegenheid," zei Van Gesink. "En of hij werkelijk de brandstichter is of maar wat kletst... van dat laatste ben ik lang niet overtuigd. Die inspecteur die wilde alles weten, alles wat ik op het bureau al had verteld... Hij had het ook nog over de aangifte, dat die niet terecht was of zo. Want Rosita was bijna meerderjarig, volgens oom agent. Net of je dan evengoed niet ongerust kan zijn. En nu dus heeft hij vanochtend gebeld dat ik nog even op het bureau moet komen, helemaal in wijk C. Voor een formaliteit. En daarom sta ik hier. Zijn ze soms ook bij jou geweest?"
"Nee, waarom... "
Van Gesink zei honend: "U wordt verzocht morgenmiddag op het bureau te komen. Maar zouden ze er nu echt wel aan werken? Ik geloof er niets van. Maar daar leg ik me niet bij neer. Ik ga zelf wel weer op onderzoek uit."
"Alle sporen zijn vastgelopen," concludeerde Mathilde. "Er valt weinig aan te doen. Ik zou het ook niet weten. Maar dat komt omdat ik me over Rosita iets minder te sappel maak dan jij."
"Er is hier sprake van een liefdeloze moeder of een gebrek aan fantasie," sprak Van Gesink op geraakte toon.
"Helemaal niet, jij hebt misschien wel te vl fantasie. Of eentje die niet goed gebruikt. Je bent ook nog bij mijn ouders geweest h? Dat heeft mijn vader verteld. Hij begrijpt niet dat je dacht dat ze dr was. Ik trouwens ook niet."
"Dat zal wel." Hij zuchtte. "Als Meyering straks niets heeft te vertellen, ga ik weer op zoek naar Arnoud. Volgens mij weet die meer. Mocht jij hem ergens aantreffen, stel me er dan even van in kennis, wil je." Hij keek over het plein. Er waren steeds meer jonge jongens gekomen en steeds luidruchtiger werden ze ook. Er klonk glasgerinkel in de buurt en ook Mathilde keek die kant op. Maar er was niets anders te zien dan dat de jongens ook keken. Van Gesink wilde niet weer over Arnoud beginnen en vroeg: "Waar moet je eigenlijk heen?"
"Ik kom van een galerie, en probeer bedrijven, kantoren voor mijn werk te interesseren. Grote kleurenfoto's voor directiekamers. Geen landschappen en kalenderachtige dingen, maar een soort surrealistische of abstracte beelden. Moet kunnen; maar tot nu toe hebben de meesten liever litho's of olieverfschilderijen aan de muur. Duurder meer status. Maar daar ga ik nu niet naartoe; ik ga theedrinken in de stad met een vriendin."
Hij tuurde weer over het plein. "Verdomme, nou moet die bus komen, anders hoeft het niet meer, ik heb om drie uur die afspraak. Maar om nog even..."
"Zeg, er gebeurt daar van alles verderop. Er is iets aan de hand... Hr je dat? Dat zijn de ramen die er aan gaan! En de politie is natuurlijk weer in geen velden of wegen te bekennen!"
"'t Is allemaal schorum en tuig van de richel. Het personeel is naar buiten gekomen. Nou, ze doen hun best maar..."
"Ze praten met die gasten, ze kunnen beter de politie erbij halen... Hoewel politie... die durft soms niet eens op te treden, zijn zelf ook bang. Laatst nog op de Oude Gracht, klaarlichte dag. Stond ook zo'n groep bijeen. Even later: vechten; heb ik nog foto's van, ik was er toevallig. Moet je nog voorzichtig mee zijn, ze denken dat je van de politie bent, of hun gezichten herkenbaar in de krant komen; maar de laatste tijd raak ik zo'n beetje bekend in de stad. Enfin, toen werden daar ook etalages geplunderd en brand gesticht in zo'n winkel. En waarom? Psychologen buigen zich over de vraag."
"Het zit zeker in de lucht. Kijk, ze zijn daar inderdaad ruiten aan het inkegelen! BATS!! Er komt steeds meer volk bij, dat houwen ze niet..."
"Al die rotzooi in de oude wijken, branden, jeugdbendes, uiteindelijk komt het gezag wel eens. Maar dan is het meestal vanzelf alweer aan het verminderen. Het komt allemaal uit Amerika. Zoals het in de States al jaren is, wordt het ook hier, daar kun je donder op zeggen. Woonbuurten die vervallen, verarming, sociale controle die verdwijnt, drugs... Soms denk ik wel: misschien zou Rosita in een van die panden in de binnenstad zitten. Maar hoe te zoeken? Die vind je zo nooit, dan moet je al iemand kennen in die kringen die wil praten, anders lukt het niet."
"Dat zeg je nu," zei hij, " maar ik heb er wel over gedacht in dat milieu te infiltreren, als een nep-detective, om informatie op te pikken."
"Maar toch niet bij deze jongens, dat is niets voor haar, bovendien is ze daar al veel te oud voor, moet je kijken wat een jonge gastjes dat zijn!" Mathilde keek in de verte waar de groep uiteenviel tot losse, rennende individuen.
"Maar ik bedoel ze ook niet uit de nieuwbouwwijken, nee, andere, veel meer het soort aanstichters, randfiguren, vreemde types, rare leefwijzen, riskante avonturen... Artistiek zou zij hen vinden! Inspirerend!"
Mathilde tuurde steeds bezorgder naar de winkels. "Kijk er wordt een knaapje door zo'n lange sladood in gele winkeljas naar buiten gewerkt. Nou gaat de rest zich ermee bemoeien natuurlijk, verhaal halen."
"Ja, verhitte gesprekken kun je zeggen."
Mathilde richtte zich weer tot hem. "Zeg, we hadden het daarnet over mijn ouders, en dat je daar geweest was. Nu, je moet maar doen wat je niet laten kunt, maar het is toch belachelijk zoals jij je daar hebt aangesteld! Mijn vader heeft het me allemaal in geuren en kleuren verteld. Dat je zelfs een deur van zijn slaapkamer hebt kapot getrokken."
"Zegt hij dat? Ik ben helemaal niet in zijn slaapkamer geweest! Hoe komt-ie erbij... Ik was naar je ouders gegaan en trof hem aan in dat lege huis naast hen dat heeft hij vol met vissenbakken gezet. Toen ik er was kwam hij net de zoldertrap af. Dat vond ik verdacht, en ik ben gaan kijken of er misschien een kamertje voor haar was ingericht, maar dat was niet het geval. Ok, jij vindt alles maar aanstellerij, maar ik doe dat om geen mogelijkheid onbenut te laten. Ik zag wel ergens een deur op die zolder. Maar die zat vast. Ik heb nog gevraagd: wat is dat? Maar hij zei dat hij het niet wist. Ik heb niets aangeraakt ik zweer het je en ben toen eigenlijk alweer gauw vertrokken. Wat een leugenaar is dat zeg!"
"Nu goed, ik geloof je wel. Ik vond het ook al onwaarschijnlijk. Maar houd een beetje rekening met hen wil je. Ze zijn niet zo jong meer, en hebben het ook niet makkelijk..."
Beiden keken uit over de straat waar het rumoer nog niet ten einde was. Mathilde zei:
"Hoe kan het zo ver zijn gekomen met Rosita en haar onaangepaste gedrag... Verkeerde opvoeding? Te weinig aandacht? Of juist te veel? Dat vraag ik me soms af."
"Te veel bemoeienis zeker niet. Te weinig misschien. Dan zal ze gedacht hebben: ik zal zorgen dat ik later genoeg aandacht op mij vestig door me zo opvallend mogelijk te gedragen."
"Gelukkig kun je er ook nog luchtig over doen. Zeg, staan we hier nog veilig? De stenen vliegen door de etalages en over de weg. En ojee, de telefooncel gaat er ook aan, algehele anarchie en wanorde nu. 't Zit zeker allemaal in de lucht. Wat kost dat een geld allemaal, dat moeten de brave burgers toch maar weer opbrengen."
"Je lijkt wel iemand van Gemeentebelangen of van de bolle mandarijn uit Friesland, hoe heet-ie ook weer."
"Die staat ver van mijn politieke kleur af, dat weet je. In de zestiger jaren kon je misschien nog zeggen dat achter dit anarchisme een ideologie stak, een warrige ideologie misschien, maar toch iets... Maar die zul je nu heel ver moeten zoeken. Ik heb wel eens met die gastjes gepraat. Die kunnen het woord niet eens schrijven, laat staan dat ze weten waarover je 't hebt."


Er zijn geen reacties op deze tekst.


Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en Ren Claessens