vrijdag 19 oktober 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
sprakeloos - Weet mijnheer wat scharen is? ...euh zijn?
Gepubliceerd op: 17-04-2010 Aantal woorden: 957
Laatste wijziging: - Aantal views: 1996
Easy-print versie Aantal reacties: 1 reacties

Weet mijnheer wat scharen is? ...euh zijn?

sprakeloos


De onschuldigheid van een 43 jarige man kan ik met geen enkele formule definiëren, maar er zijn momenten dat ik dat stadium, mogelijk onbewust, wel eens benader. En al klinkt het ongeloofwaardig, hedenmiddag was zo’n moment. Nog snel even een vergeten boodschap doen en met de lentezon op mijn gezicht fiets ik rustig in een zorgeloos vacuüm. Dit is een staat van zijn, die helaas maar zelden voorkomt, bij mij in ieder geval niet.

Bij het naderen van de supermarkt in de buurt zie ik groepjes jeugdigen zich ophouden op het pleintje. Zij hebben ook de lente ontdekt. Nu weet ik dat er mensen zijn bij wie meteen alle alarmbellen gaan rinkelen bij het ontwaren van bij elkaar klittende jeugdpuistjes. Dat gevoel heb ik nooit. En met de huidige eufore stemming al helemaal niet. Ik stal mijn fiets in de directe nabijheid van twee meisjes die zitten te keuvelen met een onnozelaar op een brommertje.

Nu gebied de eerlijkheid mij te zeggen dat een categorie pupergrietjes nog wel eens heel akelig onverwacht uit de hoek kan komen, zeker als ze met meer zijn. Ze kijken in je richting, lachen soms besmuikt, maar vaker gieren ze het uit van de zenuwen. Meestal blijft het bij een geforceerde groet door de heldhaftigste van het stel die heel hard zegt:
“Dag mijnheer”
Een neutrale droge tegengroet, blijkt meestal voldoende te zijn voor een oorverdovend gegiebel van het hele stel, maar daarmee is voor mij de ergste ellende ook voorbij.

Een van de meisjes zit met de rug naar mij toe op een fietsenrek, terwijl de brommerpukkel van het ene meisje naar het andere meisje kijkt. Mijn inschatting is dat hij een keus wil maken wie hij het leukste vindt. Maar voorlopig zal hij de hond nog in de pot vinden, denk ik. Uit haar ooghoeken neemt het tweede meisje me waar. En ja hoor, daar begint het giechelen al. Ze smiespelt iets tegen haar vriendin, die meteen haar gezicht naar me wendt. Beide meisjes zijn dertien, misschien veertien jaar oud. De hoeveelheid make-up laat ze beslist niet ouder lijken. Nu is het giechelen in stereo, terwijl de jongen op zijn brommer emotieloos blijft kijken. Hij lijkt de lol er niet van in te zien of meer waarschijnlijk hij begrijpt er helemaal niets van. Dat deel ik dan met de jongeman, hoewel ik mezelf veel minder onnozel vind.

Met dat ik naar de winkel loop, vraagt het meisje, nu weer met de rug naar me toe.

‘Mijnheer, mijnheer, weet u wat scharen is?’

De gierende uithaal van beide dames hoor ik amper, terwijl ik wel zie dat de jongen zich ietwat ongemakkelijk begint te voelen.

‘Misschien toch maar geen van beide dames zie je hem denken.’

In mijn inmiddels niet zo zorgeloze gemoedstoestand, werken mijn hersenen op volle toeren. Wat moet ik antwoorden, het mag niet al te sukkelig lijken. Een joviaal antwoord met spitsvondigheden is aan mij nooit besteed. Dat weet ik van mezelf. De humor komt altijd pas achteraf.
‘Scharen’ dat is een woord dat ik diep uit mijn geheugen moet graven. Het woord zoals de premature bakvissen het bedoelen, maakt geen deel uit van mijn dagelijkse vocabulaire. Het staat buiten kijf dat binnen de damesliefde de terminologie uitgebreider is dan ik mogelijk kan bevroeden, maar het woord ‘scharen’ is me bekend.
Ik kan natuurlijk zeggen dat het een naaiwerktuig is, maar in deze context helemaal fout natuurlijk. Bovendien is het in deze tijd ongepast dat een veertiger aan wildvreemde meisjes seksuele voorlichting gaat zitten geven, hoe onschuldig de man ook is.

Deze zaken bedenk ik me in luttele seconden en op de automatisch piloot probeer ik zo olijk mogelijk te zijn door te zeggen:

‘Scharen? Dames, ik zou niet weten.’

Terwijl ik nonchalant doorloop, krijg ik meteen repliek van de kinderen.

‘Dan moet u dat uw vrouw maar vragen, die weet het vast wel.’

Kijk, daar zie ik de humor dan wel weer van in, ondanks de grofheid die de opmerking in zich herbergt. Maar zouden ze wel beseffen hoe onhoffelijk en beledigend zo’n opmerking naar mij is? Ik denk het niet en kijk de meisjes even aan trek mijn wenkbrauw omhoog en loop stoïcijns verder. De jongen wendt zijn gezicht af, want ondanks zijn onnozelheid lijkt hij te beseffen in welke genante vertoning hij zelf onderdeel is geworden. Hoewel ik me afvraag of hij wel weet wat ‘scharen’ is.

Terwijl ik me onder het winkelende publiek schaar, overweeg ik even twee kinderschaartjes te kopen en ze aan de meisjes uit te reiken. Maar ik besef dat dit misschien aanzetten is tot onoorbare acties bij minderjarigen en dat wil ik niet. Ik had ze natuurlijk ook kunnen verbeteren in hun Nederlandse taalgebruik.
‘Scharen is meervoud, dus de vraag moet zijn ‘Mijnheer, scharen wat zijn dat.’ En dat weten jullie toch wel als meisjes van elf of twaalf jaar.’
Want dat vinden ze niet leuk als je ze jonger inschat. Ik voel dat de humor zich in mij begint los te wrikken.

Ik moet echter maar enkele boodschappen, dus ik ben al snel weer bij mijn fiets. De meisjes giechelen nog een beetje en eentje krijgt zelfs blosjes op haar wangen van schaamte. De jongen kijkt omstandig naar het motorblok van zijn brommer. Zelfs daar lijkt hij amper iets van te begrijpen.



En ik, ik stap heel volwassen op mijn fiets, geniet nog wel van de lentezon, maar het onschuldige gevoel is wel helemaal verdwenen.


@ 21-06-2015 15:35:42




Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en René Claessens