zaterdag 18 augustus 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
Charles Welmoed - De Tweebloed (7) - Hoofdstuk 2 - Réchelle (4)
Gepubliceerd op: 26-10-2008 Aantal woorden: 1336
Laatste wijziging: - Aantal views: 1287
Easy-print versie Aantal reacties: 4 reacties

De Tweebloed (7) - Hoofdstuk 2 - Réchelle (4)

Charles Welmoed


Wekelijkse feuilleton

De Tweebloed (7)

Hoofdstuk 2

Réchelle (4)


Er hing namelijk iets onbestemds tussen Réchelle, Sem en mij. We hadden een gemeenschappelijk geheim; ik stel het verkeerd, er hing een geheim tussen ons. Sem en ik kenden het van elkaar maar onderling probeerden we te doen of we van niets wisten. Er was iets voorgevallen tussen Réchelle én mij en tussen Réchelle én Sem.

Sem en ik hadden er in een vertrouwelijk moment met elkaar over gepraat. Dat gesprek is mij om meerdere redenen bijzonder helder bijgebleven; het was ook de enige keer dat wij elkaar diep in vertrouwen hebben genomen. Ik had het gevoel dat ik ieder meisje dat ik wilde, zou kunnen krijgen en Sem had het gevoel dat hij een blauwtje zou lopen bij iedere vrouw. Toch had hij één keer zijn schuwheid tegenover vrouwen afgelegd. Hij vertelde mij dat hij ooit aan Réchelle bekend had op haar verliefd te zijn.

Réchelle had hem afgewezen om zijn jood zijn!

Ze legde uit waarom en zei hem dat ze uit een orthodox joods milieu afkomstig was en alle moeite had moeten doen om zich daarvan te bevrijden. Ze was bang dat als ze met een joodse man zou trouwen, vroeg of laat hij of zij of beiden zouden terugvallen in joodse orthodoxie en dat betekende isolement, lid zijn van het enige volk dat Gods wetten in ere houdt en neerkijken op alle andere mensen alsof die niet door God geschapen zijn. Sem die een orthodoxe oom en tante had, wist wat zij bedoelde. Hij herinnerde zich maar al te goed hoe hij als jongetje met een eigen pannetje met eten, bestek en bordje bij oom en tante op bezoek ging. Zij waren erg gesteld op hem waarschijnlijk omdat ze zelf geen kinderen hadden, maar ja, hij was even onrein zoals een hond dat op vrijdag is voor een orthodoxe jood en dus heerste er een onoverbrugbare kloof tussen hen en Sem.

Sem kon haar dus maar al te goed begrijpen en dat was het ontgoochelende einde van Sem’s toenaderingspoging naar Réchelle. Begrijpen is vergeven en diep in zijn hart bleef hij een grote liefde voor haar koesteren.

Ik was behoorlijk in de war over zijn verhaal en vertelde Sem op mijn beurt dat ik ook ooit zo verliefd was op Réchelle dat ik het haar wel móest vertellen.

Réchelle had mij afgewezen om mijn níet–jood zijn!

Sem keek me ongelovig onnozel aan toen ik hem dat vertelde. Ik herhaalde ‘Ze wees me af omdat ik géén jood ben. Ik zal je maar het hele verhaal vertellen.’

‘Ik kom uit een orthodox joods gezin’, had ze mij gezegd. ‘Mijn familie zal je niet direct afwijzen, maar ze zullen niet echt met je willen omgaan, want orthodox joodse mensen kunnen beter niet omgaan met niet-joden. Sommige rabbi’s keuren de omgang met niet-joden zelfs totaal af. Ik zal dus uiteindelijk met een joodse man moeten trouwen en ik wil als maagd het huwelijk ingaan. Maar we kunnen altijd bijzondere vrienden blijven, Chris’, had ze nog gezegd.

Ik liet, uiterlijk, niets merken, bloosde misschien een beetje maar inwendig was ik razend. Wat ik niet tegen Sem vertelde was dat er toen antisemitische gevoelens in mij oplaaiden. Ik wist niet dat ik ze in mij had. Maar ik wist na het gesprek met Réchelle waarom de holocaust in de westerse cultuur mogelijk was geweest. Ik walgde van mezelf. Ik heb de rest van mijn leven een overdreven pro joodse houding tentoongespreid.

Toen Sem me later vertelde dat een verklaring voor Hitler’s waanzinnige jodenhaat berustte op de theorie dat hij ooit door een joods meisje afgewezen was of bij een joods hoertje een geslachtsziekte had opgelopen, wist ik niet waar ik kijken moest. Had Sem mij doorzien?

Beiden waren we dus afgewezen door Réchelle. Het waarom daarvan, daar was iets mis mee. Het verkleurde de band tussen ons drieën. Als Réchelle ons samen zag, kon je zien dat zij zich afvroeg of wij ‘het’ van elkaar wisten. Tegen een van ons beiden moest zij gelogen hebben, maar Sem en ik begrepen dat het geen zin had haar daarmee te confronteren; je wint geen liefde door een leugen te ontmaskeren. Sem etaleerde tegenover Réchelle zijn eenzaamheid en ik gaf er de voorkeur aan om me zoveel mogelijk aan Réchelle te vertonen in gezelschap van een vriendinnetje. Op een keer fluisterde Réchelle me toe ‘Het is niet eerlijk van je om op die manier wraak te nemen. Wie denk je zo werkelijk te treffen?’ Ik heb toen op het punt gestaan Réchelle met haar leugen te confronteren maar ik zei niets.

Ik weet niet of Alex en Dirk het konden merken dat er een geheim verdriet of een geheime haat, of beide, tussen Réchelle, Sem en mij zweefde. We probeerden vooral niets te laten merken aan elkaar en aan anderen – en aan onszelf; ‘En dat zou ook nu de te volgen strategie moeten zijn’, wist ik.

Ik deed of ik me concentreerde op wat Sem vertelde en met mijn hoofd diep gebogen over mijn glas probeerde ik Réchelle – nog niet – te zien. Ik zag eerst haar rode pumps, haar enkels, haar kuiten, haar rok; toen keken we elkaar recht in het gezicht aan. Ze glimlachte. ‘Sorry dat ik je je dictaat nog steeds niet teruggegeven heb. Maar er was een zomervakantie ….’ Voor mij klonk haar stem als die van een vreemde. Maar ik hoorde een mooie vrouwenstem. Er was geen ontkomen aan, daar stond Réchelle.

We waren alle vier, met waarschijnlijk nog enige dozijnen anderen, verliefd op haar. Geen wonder. Réchelle was volmaakt mooi. Diep rood haar en een prachtige witbleke huid en diepliggende, mooi geplaatste donkerbruine ogen. Een mooie vrouw, maar onbereikbaar. Wat haar alleen maar nog aantrekkelijker maakte. Bovendien was ze ook nog ‘anders.’ Er zweefde iets ondefinieerbaar geheimzinnigs om haar heen. ‘Un certain soupçon de délices’, daar lieten we het bij, want zoals ik al zei, we spraken niet over vrouwen. Gelukkig maar want je moest wel denigrerende fantasieën bedenken, om haar onbereikbaarheid acceptabel te maken. ‘Mooi, rijk, geheimzinnig, ze is gewoon een cliché’, troostte Witz ons en zichzelf.

Ze was uiteraard geen cliché, alleen al het feit dat ze psychologie en tegelijk rechten deed maakte haar al uitzonderlijk. Als we haar zagen, dan reageerden wíj clichématig. Grapjes, verhulde liefdesverklaringen, flauwiteiten – ze is het gewend natuurlijk. Ze gaat zitten. We bestellen nog een fles en een extra glas; het gesprek wordt hervat. ‘Zal ik resumeren waar we het over hadden?’
‘Dank je Alex. Dat is niet nodig. Ik heb daarboven een tijdje over de leuning gehangen en jullie gesprek gevolgd.’
‘Je hebt ons afgeluisterd’, begon Dirk en zijn ogen schitterden veelzeggend. Maar Sem wilde kennelijk voorkomen dat er geflirt zou worden, ‘Leuning? Je bedoelt reling. Of bestaat er zoiets als een grachtleuning? Die gietijzeren leuning is iets specifieks voor Utrechtse grachten. Nou ja in Amsterdam zou het niet kunnen, daar moesten de schepen uitgeladen kunnen worden waar ze ook aanlegden. Alleen hier me die werfjes ….’
Réchelle knikte welwillend, ‘Ik ken je experiment. Ga verder.’

Sem maakt het zich uitgebreid gemakkelijk in zijn stoel, neemt zijn glas in de hand, ‘Als je een joodse proefpersoon vertelt dat joden een betere prestatie kunnen leveren dan zijn ze in staat zwaardere schokken te ondergaan – ik vraag me af waar de grens ligt – zou .’. probeert hij zo neutraal mogelijk.
‘De grens van de elektrische schokken is evident, waar ligt de grens van het wíllen ondergaan van pijn voor je identiteit?’ zeg ik langzaam.
‘Als je het rot vindt om jood te zijn, ben je dan misschien bereid zwaardere schokken te ondergaan?’ – Réchelle zegt het. Ze zegt meer dan dat; maar wat?

(wordt vervolgd)


Pyscholaterie @ 01-11-2008 23:09:25
Tja, Ronald Pino, ik heb altijd al gedacht dat het geen psychologie was naar psycholaterie, Het heet academisch maar op enige wetenschappelijkheid heb ik de psychologie nog nooit kunnen betrappen. Ok, daar gaan ze weer. Veel statistiek toepassen waar je nooit statisiek mag toepassen! Dan krijg je van die uitspraken dat alle of 25% van alle vrouwen blablabla. Juist, maar voor die ene vrouw geldt dat nou juist niet. En die staat precies voor me.
Oh nee, dan passen we mechanistische modellen toe; als je dit doet, dan doet de persoon dat. We zijn gelukkig geen robots, want de wil is aan de macht, Wat blijft er dan over van de psychologie; ik zou het niet weten. Is er een (1!) psychologische theorie die de moeite waard is gebleken? Ik ken ze niet want psychologie is geen wetenschap: de theorie is nooit falsifieerbaar.
En dan ben je blij dat jij een "oude rot in het vak van academische psycholoog". Ik zou dat niet te vaak vertellen want dan word je niet meer serieus genomen. Zoals Freek de Jonge dat zei over de Telegraaf:"zal ik hem inpakken of durf je er zo mee over straat".


Charles Welmoed @ 30-10-2008 20:08:42
@ Ronald Pino

Doodjammer dat je gereageerd hebt! Natuurlijk is dat stukje niet door SL geschreven. Maar wat me opviel was 'ok ik zal je van etc.' alsof ik daarnaar had gevraagd! Maar zie bij het afscheid van sprakeloos daar schreef ik 'en wie moet nu mijn '"lidtekens"" verbeteren?'

Zou sprakeloos uit zijn graf zijn opgestaan? Is dat geschrijf onder pseudoniem niet een teken van lafheid? Een teken van niet voor je zelf of voor je eigenheid durven opkomen? Gekortwiekte hoogvliegers?

Nogmaals jammer want je hebt hem nu alert gemaakt - de smeerluap




Ronald Pino @ 30-10-2008 18:56:29
@SL Volgens mij heb je dit niet zelf geschreven want in de je Schrijn-verhalen kun je geen vijf regels foutloos schrijven.

Je psychologische interprataties komen mij vreemd voor maar ik ben dan ook een oude rot in het vak van academische psycholoog.

gotspe!




Siuth Luap @ 29-10-2008 16:40:42
Ok, ik zal eens moeite doen om jouw stuk van opbouwend commentaar te voorzien.

1) "dat wij elkaar diep in vertrouwen hebben genomen"; je gebruikt een uitdrukking op de verkeerde manier: iemand in vertrouwen nemen; diep vertrouwen lijkt op een watermeer dat diep is
2) "Toch had hij één keer zijn schuwheid tegenover vrouwen afgelegd"; een echt germanisme; etwas ablegen
3) "om zijn jood zijn!": het uitroepteken is hier niet op zijn plaats. Die plaats je alleen achter uitroepen, bevelen, aansporingen en wensende zinnen
4) Je gebruikt in een paar zinnen 3 x niet-joden. Nu weet ik dat wel.
5) het verhaal over Hitler is onjuist. Bij dit soort uitspraken iets beter verifieren of dat juist is. Anders wordt het ongeloofwaardig.
6) "Maar ik wist na het gesprek met Réchelle waarom de holocaust in de westerse cultuur mogelijk was geweest". Dit lijkt me niet alleen de overtreffende trap, maar ook een onzinnige opmerking. Je suggereert dat iemand 6 miljoen Joden zou willen doden. Dat wil je volgens mij helemaal niet zeggen.
7) "Er was geen ontkomen aan, daar stond Réchelle": de komma lijkt me hier niet juist.
8) "Diep rood haar en een prachtige witbleke huid en diepliggende, mooi geplaatste donkerbruine ogen. ": veel bijvoeglijke naamwoorden nodig om aan te duiden dat ze mooi. Je kunt dat ook laten merken door hoe ze iets doet.

De interactie tussen de verschillende personen is wel erg op een studentikoze manier uitgewerkt, bijna puberaal. Als dat de bedoeling is/was, prima, maar ik vermoed dat dit niet de bedoeling is van de schrijver. Probeer wat meer diepgang in gevoelens te leggen. De dialogen zijn ook erg simpel met weinig kwinkslagen of onverwachte wendingen, die in een echte dialoog tussen 2 echte mensen wel gebeurt. De dialoog vind erg plaats vanuit 1 persoon nl. de schrijver.
Veel succes met deze opmerkingen.



Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en René Claessens