woensdag 12 december 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
M.S. Hoogland - Lijn 157
Gepubliceerd op: 14-11-2003 Aantal woorden: 4530
Laatste wijziging: - Aantal views: 1569
Easy-print versie Aantal reacties: 11 reacties

Lijn 157

M.S. Hoogland



Lang niet alle ervaringen die een mens meemaakt, zijn te verklaren. Het zijn allen talloze, onafhankelijke dan wel aaneengeschakelde akten in het toneelstuk dat het leven heet. Het zijn dingen die gebeuren en hoe toegewijd eenieder ook zijn best doet een situatie of wellicht een volledig deel van de levensloop- te sturen, naar zijn hand te zetten of te ontwijken, ze gebeuren. Maar te verklaren zijn ze zelden; veel verder dan een logische oorzaak-gevolg uiteenzetting komt men niet. Als iemand door welke gebeurtenis dan ook de sterke behoefte voelt zich een stuk in de kraag te drinken, zal dat een gevolg hebben, waarschijnlijk een staat van dronkenschap en de daaruit voortvloeiende, onberekenbare handelingen. Maar waarom, vertel mij toch waarom een drinker zich nog dieper in de problemen werkt. Had hij niet van tevoren kunnen weten dat het slecht af zou lopen, nu zijn auto stilstaat tegen een gebarsten boom en zijn bloedende hoofd op het stuur rust? En waarom dronk hij in de kroeg en niet gewoon thuis? Alles wat rest, zijn een oorzaak en een gevolg, en beide laten een blijvende indruk achter, zowel in de genoemde boom als in het leven van dit fictieve persoon. Het n is gebeurd, ds voltrok zich dat. Maar in het achterhoofd blijven honderden, zo niet duizenden vragen verborgen, waar geen feitelijk antwoord op te geven is. Waarom dit semi-filosofische, pretentieuze betoog, vraagt u zich misschien af. Laat mij ter zake komen;
De ervaring die ik namelijk in de komende bladzijden zal beschrijven, is z slecht te verklaren dat ik niet eens een oorzaak-gevolg analyse zou kunnen opstellen. Zo slecht dat ik vandaag de dag nog (enige jaren na dato) twijfel aan de logica in mijn hoofd, aan de betrouwbaarheid van mijn zintuigen, aan de schijnbaar minuscule grens tussen dromen en ontwaken, die in al die tijd een donker niemandsland leek te zijn geworden. Mensen werken, slapen, gaan naar kappers en restaurants, worden verliefd, eten, trouwen, krijgen kinderen, kijken kennisquizzen, drinken, denken, en verwerken dat in hun dromen. Maar zj, zij weten dt ze het doen, ze beseffen dat ze naar aanleiding van bepaalde gevoelens handelingen verrichten die gevolgen hebben -hoe vertroebeld dat besef soms ook mag zijn. Ik heb dat nooit kunnen beseffen, er viel niets te beseffen, daar er een oorzaak noch handeling is. Slechts een uit de zwartheid van het niets opdoemend gevolg, zonder oorzaak.
De aanloop naar wat ik wil beschrijven begon een half uur voor middernacht, op 21 oktober, acht jaar geleden. Het was een vrijdag en mijn werkweek zat er op. Om half vijf had mijn chef mij een prettig weekeinde gewenst, waarna ik, als het ware rennend op een bevrijding af, de kroeg langs de gracht, een paar honderd meter van mijn werk af, opzocht. Het was er zoals elke vrijdagmiddag uiterst gezellig, en veel vrienden van mij waren reeds aangeschoten toen ik er aankwam. Ik gokte wat, trachtte al drinkend de vrijheid te voelen, rookte veel en praatte af en toe met iemand, zodra ik daar de behoefte aan had, hoewel dat niet vaak voorkwam; meestal was het zo dat mensen tegen mj begonnen te praten, terwijl zij geen idee hadden of ik daar berhaupt zin in had. Dat waren de onbekenden, mijn vrienden hadden namelijk al begrepen dat ik vandaag geen zin had om spraakzaam te zijn. Ik was moe, erkende dit ook, straalde het uit als een donkere wolk van lusteloosheid.
Om kwart over elf in de avond verliet ik pas de kroeg, vreemd genoeg nog niet dronken, slechts enigszins aangeschoten. Een verfrissende regen (het was de afgelopen weken verbazingwekkend genoeg warm, droog weer geweest) spoelde een tintelende roes van me af, vulde de stilte van de avond op met een monotoon doch uiterst intrigerend geruis. De donkerpaarse lucht contrasteerde haast surrealistisch mooi met de door oranje lantaarnlichten beschenen riante rijtjeshuizen, aan de overkant van de Stationsweg. Normaliter gaven deze oranje lampen mij altijd een urbaan gevoel van onveiligheid. Het licht dat een schaduw schonk aan de doorgaans obscure avondwandelaars legde in mijn hoofd een brug tussen angstwekkende televisiebeelden en de realiteit. Vanavond gaven deze lichten mij echter een haast ecstatisch gevoel van rust en veiligheid.
Ik was alleen bij de bushalte toen ik drijfnat de droogte van het bushokje opzocht. Ik ging zitten op het bankje en stak een sigaret op, eentje die ik na drie hijsen weg zou gooien omdat de natheid van mijn vingers het filter deden verleppen en zelfs loslaten van de rest van de sigaret.
Een bloedrode sportwagen die langs het station reed en waaruit verontrustend luide housemuziek klonk, trok mij met bruut geweld uit een wilde zee waarin misleidende gedachtestromen over zoektochten, eenzaamheid en wrang zelfmedelijden samen waren gekomen.
Pas toen de bus, die mij naar huis zou brengen, om dertien minuten voor twaalf tot stilstand kwam voor de bushalte waarin ik zat, zag ik dat ik niet langer de enige was die hier op de bus had gewacht. Er was een meisje, en nog voordat haar verschijning tot me was doorgedrongen was ze reeds de bus ingestapt en uit mijn zicht verdwenen. Iets enthousiaster dan dat ik zonder haar aanwezigheid zou zijn geweest, liep ik de bus binnen. Ik groette de chauffeur, liet hem mijn abonnementskaart zien en liep verder de bus in. Het meisje zat helemaal voorin, en ik had haar wel vanuit mijn ooghoek zien zitten toen ik de bus instapte, maar uit verlegenheid had ik niet naar haar durven kijken. Ik nam plaats, twee zetels verderop schuin achter haar, opdat ik haar enigszins kon bekijken. De bus begon te rijden, voerde mij weg van de grote stad, rijdend naar het dorp waar ik woonde. Ik bekeek het meisje. Ze droeg een zwarte, stijlvolle jurk die glansde van het regenwater dat erin was gezogen. Hoe lang had zij in de regen gelopen, mijlen misschien? Haar armen waren volledig ontbloot en haar bleke, bijna witte huid glansde eveneens in het felle licht van de bus. Wellicht was haar huid niet zo wit als mijn ogen waarnamen, leek hij alleen maar zo wit door de belichting of door het schrille contrast dat de gitzwarte jurk ermee vormde. Haar lange, donkerrode haren hingen als druipende slierten langs haar hoofd en een paar lokken kleefden aan haar schouder, en hoe graag ik ook wilde zien welk gezicht zich schuilhield achter dat dichte gordijn van donkerrood haar, ik kon het niet omdat ze met haar hoofd naar de ruit gedraaid zat en hoogstwaarschijnlijk peinzend naar buiten keek. Dat doet immers iedereen in een bus. Ook de weerspiegeling van haar gezicht in het van buitenaf beregende glas toonde mij niet meer dan een wazige vlek, met dezelfde kleurloosheid als die van haar huid.
Ik kan tot mijn eigen verontwaardiging nauwelijks omschrijven hoe groot het verlangen was haar gezicht te zien. Iets, nee, laat mij de waarheid zeggen, lles aan haar wat ik tot nu toe had mogen zien, trok mij aan, fascineerde mij. Ik kon mij ook niet voorstellen dat haar gezicht in welk opzicht dan ook teleurstellend kon zijn. Ze mest wel mooi zijn. Misschien zou ik haar onvoorwaardelijk mooi vinden, hoe afstotelijk zij ook mocht zijn. Het kwam waarschijnlijk door meer dan alleen maar haar lichaam, meer dan haar warrige natte haren, meer dan haar bleke huid, het moet iets zijn geweest in de manier waarop ze daar zat, de hele rit roerloos naar buiten starend. Het moet een bepaald niet onzichtbaar iets zijn geweest wat ik opving, opnam, wat mij naar haar toe trok maar tegelijkertijd zoveel verder op afstand hield.
Ik stapte uit, twintig minuten later, bij de halte op de Dorpsstraat, waar de bus mij alleen zou laten met nog vijf minuten lopen door regen en duisternis voor de boeg. Ik trachtte van buitenaf nog een glimp op te vangen van het gezicht van het meisje, maar slaagde er niet in aangezien de bus t snel doorreed naar de volgende halte die op zijn weg lag. Teleurgesteld, zelfs een beetje verslagen, liep ik huiswaarts. Windstoten duwden mij heen en weer over de natte straten. Nergens brandde meer licht, en de eenzaamheid die mij door dit verschijnsel in zijn greep kreeg, deed mij alleen maar meer aan het meisje denken. Wie was ze? Waar woonde ze? Hoe heette ze? Wat deed zij in de laatste bus van vandaag? Wat deed ze alleen in de laatste bus van vandaag? Wat had zij gedaan vandaag, daar diep in die stad?
Gelukkig was de hele ervaring, met de daarbij ontstane stortvloed aan vragen, al grotendeels bezonken toen ik om half n in mijn bed lag.

Exact een week later leek de geschiedenis zich te herhalen. Ik dacht dat ik hallucineerde van de alcohol, want de zojuist beschreven gebeurtenis deed zich op exact dezelfde wijze voor. Het regende weer (of nog steeds, want naar mijn idee had het sinds die eerste vrijdag continu geregend, maar dat terzijde). Wederom had ik gezellig in de kroeg vertoefd, en wederom was het meisje er toen ik met de laatste bus naar huis ging. Ik was haar alweer vergeten toen ze daar ineens weer was, en wderom keek ik net te laat opzij om haar goed te kunnen zien. Alsof ik werkelijk een week terug in de tijd was geplaatst, zag ik haar de hele rit naar buiten kijken. Het viel me nu overigens ook op dat ze ook helemaal niets bij zich had; geen handtasje of rugtas, niets.
Ik neem aan dat je kunt begrijpen dat ik nu langer aan haar dacht, nadat ik de bus weer was uitgestapt en me richting huis begaf. Ook toen ik het mezelf thuis gemakkelijk had gemaakt door met een biertje op de bank te gaan zitten lezen, bleef ze aanhoudend door mijn verwarde gedachten spoken. Alle vragen die een week eerder nog enigszins subtiel door mijn hoofd sijpelden, dansten nu aanhoudend tussen de regels van mijn boek door. Ik dacht bij lange na niet aan hoe het zou zijn om haar in mijn bed aan te treffen, die perverse vorm had mijn verlangen -nog- niet aangenomen. Ik wilde nu alleen maar haar naam weten, bij wijze van spreken, haar gezicht zien en in haar ogen kijken, in de hoop dat zij zich bewust werd van mijn aanwezigheid. Ik wilde dat ik een bijrol mocht spelen in een hl klein stukje van haar onbekende leven.

Ik zal het maar zo eenvoudig zeggen als dat het leek; de weken daarna herhaalde de gebeurtenis zich weer. Elke keer leek het einde van die vrijdagavond een kopie van de week daarvoor, die op zijn beurt weer een kopie leek van die week drvoor, enzovoort. Ik begon aan te nemen dat ze een baan had die haar geen bus eerder kon laten nemen, of dat ze net als ik in de kroeg had gezeten en de laatste bus naar huis wilde hebben, er vanuit gaand dat zij dus ook bij mij in de buurt woonde, maar bij een verdere halte uit moest stappen. Ze was kennelijk verlegen, schaamde zich wellicht ergens voor, wat verklaarde dat ze altijd zo verloren uit het raam staarde. Het lag waarschijnlijk ook aan mijn eigen bijtende verlegenheid, mijn gebrek aan initiatief, nee, gebrek aan lef, waardoor ik niet de kans kreeg om meer van haar te zien. De mystiek rond haar persoon was zo intrigerend, dat het me elke keer weer vastnagelde aan de zetel. Ik moet vermelden dat ik haar gezicht slechts nmaal heb gezien, nadat ik op de Dorpsstraat was uitgestapt, maar het moet niet langer dan een seconde geweest zijn, want zodra ze me zag keek ze van me weg, en het was een indruk geweest die hierdoor snel vervaagde. Ook als ik zat te wachten bij het station in de stad, was er altijd, maar dan ook altijd iets wat even mijn aandacht wegnam, waardoor ik haar niet de bushalte kon zien naderen. Op slechts n avond heb ik haar even kunnen zien, voordat ze in de bus stapte, maar ik was toen te dronken om het tot mij te kunnen nemen. Het had de volgende dag op een vervormde waas geleken, een schim uit een koortsdroom.
Het leek alsof het lot mij het niet gunde haar gezicht te aanschouwen, alsof de goden mij in de maling namen door haar in mijn leven te brengen.

Alvorens ik verder ga met mijn verhaal, moet ik vertellen dat ik me momenteel, hier zittend voor een pijnigend wit beeldscherm, schaam voor het feit dat ik een klein detail van mijzelf achterwege heb gelaten. Ik heb gezondigd, en te lang gewacht met vermelden dat ik, ten tijde van bovenstaande weken, een vriendin had. Een jaar al, te lang om voor mij nog interessant te zijn. Ik weet niet hoe het komt dat zij mij niet meer boeide. Ze was mooi, dat zeker, maar zelfs de meest betoverende schoonheid kan vervelen op den duur. Ik zag haar in die weken wat minder, op hr verzoek wel te verstaan, want ze voelde zich enigszins benauwd door het idee zo veel tijd bij me door te brengen, ze wilde zogezegd meer tijd met haar reguliere vrienden doorbrengen, en ze was nogal, hoe zal ik dat uitdrukken, moe, de laatste tijd. Respect, dat had ik ervoor, maar voor welke van de drie redenen? Ik vertrouw het niet als mensen meerdere excuses bedenken. Alsof ze zich in leugens moeten dompelen om mij te sparen?
Ik zal terugkeren naar mijn verhaal; ik begon verslaafd te raken aan het meisje zonder gezicht. Na zes achtereenvolgende vrijdagen nam ik als experiment ook eens de laatste bus van een woensdagavond. Zo kwam ik erachter dat ze niet alleen op vrijdag de laatste bus nam, maar ook op woensdag. Ik kreeg hierdoor de smaak te pakken en nam ook de laatste bus van een andere doordeweekse dag, en jawel, ook daar zat zij samen (wat klinkt dat woord toch heerlijk, samen) met mij in de laatste bus, al dan niet met andere, compleet hierbuiten staande passagiers. De bus reed voor ns!
Het is voorspelbaar maar waar; ik eindigde na een paar maanden elke avond in de laatste bus naar huis. En lke avond zat zij ook in diezelfde bus. Mijn nieuwsgierigheid groeide, wat me ertoe bracht om eerder weg te gaan uit de kroeg, zodat ik nog even de tijd had om de stad door te wandelen, pogend haar te vinden. Aanvankelijk slenterde ik gewoon doelloos door de straten, later bezocht ik tijdens mijn dwalingen enkele kroegen, uiteindelijk zelfs nagenoeg elke kroeg in het centrum, en dat zullen er naar schatting zon vijfentwintig zijn. Ik heb zelfs enkele malen getracht haar te volgen naar huis, door mijn thuishalte over te slaan en te wachten tot zij uitstapte. Dat deed ze op het eindstation, n dorp verder dan het mijne. Ze stapte aan de voorkant van de bus uit en ik netjes aan de achterkant, waarna ik haar begon te volgen naar haar huisof waar naartoe dan ook. Ik heb het vier keer geprobeerd, maar al die keren raakte ik haar kwijt in een klein park aan de rand van het dorp. Hoe scherp ik mijn ogen ook op haar gericht liet, altijd verdween ze in het doolhof van paadjes, bomen en struiken zodra ik maar even mijn aandacht had laten verslappen. Mijzelf vervloekend om mijn domheid was ik naar huis gelopen, wat een flinke wandeling was, en ik heb uit pure radeloosheid ook niet meer dan vier pogingen gedaan. Eigenlijk had ik haar in moeten halen, bedacht ik mij eens, en haar vast moeten pakken, al schreeuwend haar naam moeten vragen wellicht. Maar de afstand tussen ons leek onoverbrugbaar.

Het gevolg van mijn daden was dat ik minder sliep, omdat ik normaalgesproken op doordeweekse dagen al tegen tienen in mijn bed lag, nu pas tegen twaalven. Dit had uiteraard gevolgen voor mijn werk, maar ik zag het positieve hiervan in, want nadat ik was ontslagen had ik de tijd om uit te vinden of zij ook eens de bus nr de stad nam. Elke ochtend nam ik de bus vanaf mijn woonplaats naar de stad, maar nooit en ik heb echt elk tijdstip uitgeprobeerd- zat zij in die bus. Ontredderd als ik was omdat ik haar nooit aantrof heb ik me neergelegd bij de mogelijkheid dat ze op de heenweg naar haar werk (of waar naartoe dan ook) met iemand anders meereed, of dat ze in tegenstelling tot de regelmaat waarmee ze de bus terugnam- toevallig altijd de bus op een ander tijdstip nam dan dat ik deed.
Mijn vriendin begon zich, voor zover ik haar nog zag, behoorlijk gerriteerd uit te spreken over mijn obsessieve gedrag, maar zij wist niks van het bestaan van het andere meisje af. In eerste instantie bleef ik erbij dat ik naar de stad ging om even wat te drinken, mijn vrijheid (werkloosheid) te vieren met vrienden. Ze is een paar keer meegegaan, maar het is haar slecht bevallen omdat we geen kwartier in een kroeg zijn gebleven, alvorens te vertrekken naar een andere. Zoals ik had kunnen verwachten barstte uiteindelijk de bom; op een winteravond vlak voor kerst was ik dronken geworden, en thuis aangekomen biechtte ik haar alles op, kortaf en koud, alsof ik begrip verwachtte. Ik vertelde haar daadwerkelijk alles over mijn obsessie voor het vreemde meisje. Zoals ik juist vermeldde, ik was dronken die avond, dus wat er daarna precies gebeurd is, blijft in mijn geheugen een ietwat wazige ervaring. Ze heeft me geslagen, dat was te verwachten en ook terecht, en ze heeft gescholden, vl gescholden. Onze relatie eindigde met een dichtslaande voordeur, gevolgd daar haar driftige voetstappen over het grindpaadje, richting de weg.

In al die maanden dat ht meisje mij in haar greep hield, heb ik niet kunnen beseffen hoe grandioos ik mijn leven naar de verdoemenis aan het helpen was. Mijn relatie was voorbij, en ik had al gezegd dat het saai was geworden maar ik had er nog energie in kunnen stoppen, in een poging er weer iets moois van te maken. Ik dronk meer omdat ik mijn dagen sleet in de kroeg, ik leende geld van vrienden dat ik zelden terugbetaalde, want ik was werkloos en zocht ook uit pure frustratie niets nieuws. Maar al deze ellende werd elke avond rond kwart voor twaalf weer gecompenseerd als ik haar zag, naar buiten kijkend in haar mysterieuze eenzaamheid, omringd door die immense muur van onbereikbaarheid. Ik was verliefd op het onbekende, gaf alles op voor een gezichtloos, naamloos wezen dat niet mijn hart, maar mijn leven had veroverd, en ook al wist ik dat het op deze manier een doodlopende straat zou zijn, ik kn niets doen om dichter bij haar te komen. Ik wist dat ik wellicht zou sterven zonder ooit haar gezicht goed gezien te hebben of haar naam te weten, maar dat deerde mij niet, zolang zij maar fysiek bij mij in de buurt aanwezig was, met haar lijkbleek glanzend vlees en haar prachtige rode haren.

Het moest uiteindelijk een factor van buitenaf zijn die de afstand tussen haar en mij verkleinde. Het was 17 maart toen ik, zoals elke verrotte avond, in de bus zat, starend naar haar. Zo af en toe staarde ik naar de lucht, wat ik normaal niet deed, maar deze avond wel, aangezien deze lucht onheilspellender en dreigender was dan ik ooit tevoren had gezien. Dikke paarse, roze en donkeroranje wolkenpakken leken slechts dertig meter boven de grond te hangen en de zon was nog maar half zichtbaar, hangend achter de duinen in de verte, voorbij de weilanden. Over het gehele landschap hing een gloed die een kleur had die ik niet kn beschrijven, maar het moet een mengeling zijn geweest van alle surrele kleuren waaruit de wolken waren samengesteld. De bus reed langs de huizen die ik altijd al had gezien, maar nu kon ik meer dan ooit tevoren achter de verlichte ramen de mensen zien zitten, de gezinnen, de kinderen, televisies en computers, de drankjes en de schaal chips op de tafels. Ik walgde ervan. Niet van hun burgerlijkheid, maar van mijzelf, van mijn koppige vasthoudendheid die tegelijkertijd de oppervlakkigste naviteit was. Ik kwelde mijzelf voor iets was niet zichtbaar was of kon zijn, laat staan tastbaar. Ik had verschillende dierbare voorwerpen verkocht, waaronder een gitaar en een waterpijp uit Turkije, ik had mijn spaarrekening leeggeplunderd, alles om mijn busabonnement steeds maar weer te kunnen verlengen, de huur te kunnen betalen, mijzelf van drank te kunnen voorzien, nieuwe schoenen te kunnen kopen -de paren die ik droeg waren nooit een lang leven beschoren omdat ik nog elke dag rondjes door de stad liep, wanhopig zoekend, nooit vindend.
De bus reed over de kronkelige weg van de WestFriese dijk, toen het gebeurde. Het landschap van eerst, de weilanden en daarachter de duinen, waren ingeruild voor groepen bomen, een lange sloot die langs deze dijkweg liep, en een bungalowpark aan mijn linkerhand. Walgend van mezelf staarde ik weer naar haar, haar bleke blote schouders, haar zwarte jurk, haar rode haren, en voor het eerst sinds die allereerste vrijdag dat ik haar zag, wilde ik met haar naar bed. Ik geef het met een tenenkrommend schuldgevoel toe; ik wilde die jurk van haar bleke schouders afschuiven, op de grond zien vallen rondom haar voeten, ik wilde haar naakte lichaam neerleggen op een groot bed, rood als haar haren. Dan zou ik haar liefhebben zoals ik mijn ex-vriendin nog nooit had gehad, en ik wilde dat ik dat eeuwig kon, eeuwig haar zwetende en trillende witte lijf bekijken en datzelfde lijf opschrokken met een onstuitbare gedrevenheid!
Ik had deze gedachte nog niet beseft of ze keek ineens naar me om, in een schokkende, razendsnelle beweging, de haren opzij zwiepend, met bijna bovenmenselijk grote groene ogen, alsof ze mijn vulgaire gedachte had gehoord. De blik die ze op mij af had gevuurd sneed als een vlijmscherp mes ik mijn buik en ja, ik voelde het bloeden. Ik keek naar haar gezicht, dat mijn fantasie omtrent de ultieme schoonheid ruimschoots overtrof. Een neusje zo sierlijk en smal, volle lippen rood als bloed, wenkbrauwen als dunne lijnen zwarter dan haar jurk, wangen die een lichtroze tint droegen en welhaast kinderlijk op mij overkwamen, een teder spits kinnetje zoals elven in ooit gelezen sprookjes die hadden. Maar haar gezicht was z mooi en haar blik z scherp dat ik pijn leed, dacht dat ik doodging, want na al deze maanden verraste ze me met haar blik en was de schok zo hevig dat ik inderdaad dacht en hoopte- hier te sterven. Hoe abstract aanwezig was niet deze kwellende pijn?
De bus reed hobbeliger dan ik gewend was, ik schudde ongecontroleerd heen en weer op mijn zetel, en niet veel later klapte mijn hoofd tegen de zetel voor mij. Ik werd heen en weer geslingerd als een lappenpop, en terwijl de zetels klapperden en ramen barstten toen de bus twee maal over de kop sloeg langs de rand van de dijk, trachtte ik wetend dat ik hier zou sterven- nog nmaal naar haar te kijken, maar ze zat niet meer op haar zetel. De laatste klap deed mij mijn reeds kwetsbare bewustzijn verliezen, voor heel even maar.

Een paar lichten in de bus brandden nog toen ik weer bijkwam. Het overgrote deel was bezweken onder het geweld van het ongeluk, een enkele knipperde onregelmatig. Ik zat met mijn been klem tussen twee zetels die tegen elkaar aan geperst waren. Alles was rood om me heen, en het duurde even voordat ik besefte dat dit niet een hallucinatie was of een anderszins verward functioneren van mijn zintuigen, maar dat alles rood was van bloed, mijn bloed. Ik bekeek mijzelf om te zien wat er van me over was, en ik hoopte bij alle macht te dromen toen ik zag dat n van de vele metalen stangen (waar staande passagiers zich aan vast kunnen houden) los en omlaag was geschoten en mijn buik had geperforeerd. Panisch als ik was begon ik te jammeren, maar de grote hoeveelheid bloed in mijn mondholte belette mij iets verstaanbaars uit te brengen, en de poging te spreken deed mij tevens de vlijmscherpe pijn in mijn buik voelen.
Mijn hoofd rustte op de wandelgang tussen de rijen samengeperste zetels, en ik draaide het voorzichtig naar rechts, wat mij ongelooflijk veel pijn aan de nek deed. Ik hoorde de chauffeur kreunen, op lage brommende toon, en heel even stelde het me gerust om te weten dat hij nog leefde. Met nog meer pijn in mijn nek draaide ik mijn hoofd de andere kant op, naar links. Ik zag haar en besefte dat de bus op zijn kant moest liggen en ik dus hier hing met mijn been tussen twee zetels, want het meisje lag in een plas roodbruin gekleurd slootwater in de opening van een gesprongen raam. En van haar benen stak in een vreemde hoek naar buiten en was waarschijnlijk vermorzeld onder het gewicht van de bus. En van haar armen was eraf gerukt en hing zo zag ik toen ik even uit walging van haar trachtte weg te kijken- samengeperst tussen twee bebloede zetels, verder achterin de bus. Groteske glasscherven staken door haar bovenlijf naar buiten, en mijn God, ze hadden op hun reis door haar lichaam repen vlees met zich mee genomen! Haar rode haren hingen voor het overgrote deel in het water van de sloot, zorgeloos drijvend alsof ze nu vrijer dan ooit waren. Er plakten ook enkele haarlokken over haar gezicht, maar zij waren moeilijk te onderscheiden van de vele straaltjes bloed die over haar voorhoofd, kin en wangen waren gesijpeld. Haar ogen stonden wijd opengesperd, en leken me strak aan te kijken, ondiep waterig en kleurloos, maar nog steeds mij veroordelend op de onzedelijke gedachten die ik over haar had gehad vlak voor het ongeluk. Haar mond was gesloten en toonde geen uitdrukking, geen angst of vrede omtrent het feit dat ze stierf.
Al kijkend naar haar oneerbaar toegetakelde, uiteengereten, maar nog steeds even prachtige lichaam, wist ik dat de laatste, zij het ontastbare houvast in mijn leven verdwenen was. Maar ze bleef mooi, en ik wilde haar aanraken, meer dan ooit tevoren.
Ik stond op het punt bewusteloos te raken toen ik de sirenes hoorde, kort daarna de stemmen van toesnellende hulpverleners. Zij zouden me terugbrengen naar een realiteit waar ik van vervreemd was.
De kranten spraken van een vreselijk ongeluk dat wonder boven wonder werd overleefd door beide inzittenden, waaronder de chauffeur, die er het minst fortuinlijk vanaf was gekomen en een been had verloren.
Nu, zeven acht jaar later, twijfel ik, nog steeds. Aan mezelf, aan de rest ook eigenlijk. Want wat er zich in die vijf maanden heeft afgespeeld, in een bovennatuurlijk hoog tempo, is iets wat ik nooit zal kunnen verklaren. Ik kan geen oorzaak noemen, alleen gevolgen, die zijn overrompeld door mijn wil om te vergeten, want mijn leven, vandaag de dag, lijkt weer veel op dat van vr het moment dat ik op die vrijdagavond in oktober de laatste bus naar huis nam, en in de ban raakte van het meisje zonder gezicht. Op een wijze alsof zij er nooit is geweest.


-=P!nUpke=- @ 02-11-2018 13:03:04
sinop otelleri blog  sinop otel dublex suit oda  sinop otel hakkımızda  sinop otel hizmetler  sinop otel müza  sinop otel odalarımız  sinop otel plaj  sinop otel standart oda  sinop otelleri video  sinop otelleri yorumlar  sinop otel havuzlu  sinop otel fiyatları  sinop otelleri  sinop havuzlu otel  sinop otelleri trivego  sinop otelleri  sinop otelleri  sinop otelleri  sinop otelleri  sinop otelleri 



Sinop doğal güzelliklerinin yanı sıra birçok tarihi mekâna da sahip olan bir şehirdir. Sinop yalnızca doğa meraklıları tarafından değil aynı zamanda tarih meraklıları tarafından da gezilip, görülen ve beğenilen bir kenttir. Sinop kalesi, Sinop arkeoloji müzesi, Sinop İnce burun Feneri, Boyabat Kaya Mezarları Sinop’un tarihsel kalıntılarını oluşturmaktadır.

Tarih meraklısıysanız ve Sinop’a gelip seyahat etmek, gezip görmek istiyorsanız, o halde Sinop otelleri arasından bir Sinop otel seçiminde bulunun. Tercih ettiğiniz otelin isteklerinize uygun olup olmadığını internet üzerinden öğrenebilirsiniz. Nasıl özellikler istiyorsanız, beğendiğiniz otel de bu özelliklerin olup olmadığını kontrol edebilirsiniz. Tercih ettiğiniz Sinop otel ile güzel bir tatili geçirme imkânınız da bulunmaktadır.


-=P!nUpke=- @ 02-11-2018 13:02:37
antalya sex shop  
bursa sex shop  
sex shop bursa  
bursa sex shop  
avcılar sex shop  
avcılar sex shop  
esenyurt sex shop  
esenyurt sex shop  
beylikdüzü sex shop  
beylikdüzü sex shop  
kadıköy sex shop  
kadıköy sex shop  
bakırköy sex shop  
bakırköy sex shop  
işitme cihazı  


-=P!nUpke=- @ 02-11-2018 13:02:22
seks shop  
sex shop  
sex toys  
erotik seks shop  
gay sex shop  
gay sex shop  
strapon nedir  
kızılay sex shop  
vibratör  
izmir sex shop  
antalya sex shop  
ankara sex shop  
istanbul sex shop  
istanbul sex shop  


-=P!nUpke=- @ 02-11-2018 13:02:12
seks shop  
sex shop  
sex shop  
sex shop  
seks shop istanbul  


-=P!nUpke=- @ 02-11-2018 13:02:02
فرمتجر الجنس  
فروشگاه جنسی  
فروشگاه جنسی  
هزاز  
вибратор  
секс-шоп  
متجر الجنس اسطنبول  


-=P!nUpke=- @ 02-11-2018 13:01:55
sex shop  
iç giyim  
saç bakım  
işitme cihazı  
sinop otelleri  
sinop otelleri  
sinop otelleri  
sinop otelleri  
sinop otelleri  
sinop otel fiyatları  
sinop otel tavsiye  


-=P!nUpke=- @ 02-11-2018 13:01:44
  • https://www.ogiyo.com

  • https://www.sacbakim.net

  • https://www.noktaisitme.com

  • https://www.sinopantikotel.com.tr

  • https://www.sinopantikotel.com

  • https://www.sinopotel.com.tr

  • http://www.sinopotel.com

  • https://www.otelsinop.net

  • https://www.seksshopistanbul.net

  • https://www.jartiyercorap.com

  • https://www.noktashop.ist

  • https://www.noktashop.istanbul

  • https://www.noktashop.org

  • https://www.noktaseksshop.com

  • https://www.vibratorum.net

  • https://www.noktashop.org/articles-sitemap.xml



  • -=P!nUpke=- @ 02-11-2018 13:01:37
    sex shop  
    seks shop  
    saç bakım  
    seks shop  
    seks shop  
    sex toys  
    sex toys  
    gay sex shop
    gay sex shop
    strapon nedir


    -=P!nUpke=- @ 02-11-2018 13:01:21
    kızılay sex shop
    travesti sex
    erotik seks shop  
    erotik seks shop  
    erotik seks shop  
    erotik seks shop  
    erotik seks shop  
    erotik seks shop  
    erotik seks shop  
    sex shop  
    sex shop  
    sex shop  
    sex shop  
    sex shop  
    sex shop  
    sex shop  
    vibratör  
    izmir sex shop  


    -=P!nUpke=- @ 02-11-2018 12:59:54
    sinop otelleri 
    sinop otelleri 
    sinop otelleri 
    sinop otelleri 
    sinop otelleri 
    sinop otelleri 


    @ 21-06-2015 15:35:42




    Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


    Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en Ren Claessens