maandag 25 juni 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
free - De videoband
Gepubliceerd op: 03-11-2003 Aantal woorden: 1906
Laatste wijziging: - Aantal views: 1836
Easy-print versie Aantal reacties: 5 reacties

De videoband

free


Het was een wat kille herfstavond. Je kon goed merken dat de winter in aantocht was. Ik had de verwarming flink hoog gezet, en had me behaaglijk opgerold met wat grote zachte kussens op de bank. Zappend van het ene naar het andere net. Maar eigenlijk was er niets op de televisie te zien, wat mij boeide. Na verschillende keren van net Een tot aan vijfentwintig en terug te hebben gezapt, besloot ik een videoband te bekijken. Er lagen nog wat oude banden in de kast. Loom liet ik mij van de bank afglijden en kroop op handen en voeten de anderhalve meter naar mijn televisiekast. Toen ik het kastdeurtje opende, vielen de videobanden met plank en al naar beneden. Enkele vergeten Walt Disney banden keken mij uitnodigend aan. Beauty and the Beast, zelfs Black Beauty lonkten mij toe. Glimlachend stapelde ik de films een beetje op elkaar, toen mijn oog viel op een zilverkleurige doos. Nieuwsgierig bekeek ik de videoband van alle kanten, ik herkende hem niet. Dat was ook niet zo gek, het was jaren geleden dat ik een videoband had gekeken. Het was een videoband van de kinderen, en die waren al jaren de deur uit. Uit nostalgie had ik ze bewaard. Evenals mijn videorecorder die trouw was meeverhuist.Maar DVD had de laatste jaren mijn voorkeur. Een zacht schurend geluid trok mijn aandacht, vast een achtergebleven stukje papier in de doos, dacht ik. Ik schudde wat met de doos naast mijn oor, en hoorde weer iets zachtjes bewegen, heen en weer rollen. Zittend op mijn knieën, probeerde ik de doos te openen. Hij zat erg vast, ik moest al mijn kracht gebruiken om dat ding open te maken. Met een klap waar ik van schrok, vloog de doos open.

Een wolk van bont gekleurde sterretjes, zweefde met een grote boog uit de opengevouwen doos. Verbaast keek ik naar de duizenden glittertjes, die als een sterrengloed mijn woonkamer verlichtte. Met het geluid van ontelbare kleine belletjes, dwarrelde het langzaam naar beneden. Een moment waande ik mij Alice in Wonderland. Ik voelde in de doos, nam de band eruit en stopte hem in de videorecorder. Heel nieuwsgierig naar wat er op zou kunnen staan. Op het moment dat ik de band er in stopte, voelde ik een trilling door mijn vingers gaan. Prikkelend, alsof er kleine prikjes in mijn vingers werden gegeven. Verschrikt probeerde ik mijn hand terug te trekken. Maar ik kreeg hem niet los. Hoe harder ik trok hoe steviger mijn hand werd tegengehouden. Met mijn andere hand probeerde ik mijn hand terug te krijgen. Het lukte mij voor geen meter. Het zweet brak mij uit! Het rinkelen van de belletjes was veranderd in een indringend gezoem, en het vulde de hele kamer. Met twee handen zat ik vast en heel langzaam aan voelde ik iets aan mijzelf veranderen. Het begon in mijn voeten, een wee, slap gevoel. Ik zat nog steeds op mijn knieën. Die opeens wel van rubber leken. Voor ik het goed en wel doorhad, werd ik langzaam maar beslist de ingang van de videorecorder in getrokken. Als een platte dunne afdruk van mijzelf verdween ik alsof ik opeens vloeibaar was geworden, door die enge donkere spleet.

Met mijn armen voor mij uitgestrekt, gleed ik door een nauwe gang. Miste op een haar na een rondraaiend wiel, waar een zilverkleurige kogel een soort elastiek liet voortbewegen. Met een bloedgang dook ik naar beneden, langs wat scherpe metalen wielen die hard in de rondte draaiden. Om onverwachts weer omhoog te schieten. Alsof ik op mijn buik glijdend op een gigantische glijbaan lag. Met mijn benen wijd, tegen de zijkant gedrukt, probeerde ik mijn vaart wat te minderen. Het werkte! Voor mij uit zag ik in de verte, zwak verlicht een bocht aankomen. In die bocht hingen langs de wanden grote foto’s van mensen die ik kon. Iemand op zo’n foto stak zijn hand op als groet. Ernaast knipoogde een foto van mijn overleden vader. Ik deed mijn mond open om hem te roepen, en te vragen wat hij daar in hemelsnaam deed. En wat ik hier deed! Maar ik was de bocht al door, en raasde op een glazen wand af. Met mijn vuisten vooruitgestoken en mijn ogen stijf dicht wachtte ik op de klap!! Die niet kwam…
Opeens hing ik doodstil, en mijn lijf verdraaide zich in verticale stand. Ik deed mijn ogen open, en langzaam zakte ik als een pop aan een touwtje, met mijn voeten op vaste grond.

Langs de wand hingen fleurige papieren lampionnetjes die een warm donkergeel licht verspreide. Op de bruin gekleurde grond liep een witte streep. Zo’n streep die je ziet op een snelweg, en ik besloot die streep te volgen. Wat moest ik anders, ik had geen idee wat er aan de hand was. Een geluid van zware drums, niet onprettig om te horen, trilde onder mijn voeten. Het dreunde door mijn lijf heen en scheen de hele ruimte te vullen. Links en rechts van mij zag ik een soort openingen, etalages of iets dergelijks. Sommigen met ramen van glas, en weer anderen met luiken die al of niet openstonden.

Voorzichtig, op mijn hoede liep ik over die zwak verlichte weg. Ik hoorde voetstappen, en spitste mijn oren. Het kwam dichterbij. In een bocht drukte ik mijzelf tegen de kant aan en wachtte af. Er kwam een man aangelopen, zuchtend en kreunend. Met op zijn hoofd een knaap van een breedbeeldtelevisie, die hij met twee handen angstvallig vasthield. Op Eén of andere manier zag hij mij in het donker toch staan. Hij stopte vlak voor mij, en zei; “Hallo, mevrouw. Zou U mij willen helpen?” Zou U voor mij een nader kanaal op willen zoeken, ik heb geen handen vrij. En kan niet bij de afstandbediening”. Ik vroeg hem waarom hij met een teeveetoestel op zijn hoofd liep? Hij schudde zijn hoofd en zei; “Tja, domme vraag, iemand moet dat toch doen!” Die afstandbediening zag ik ook niet, maar drukte op goed geluk op Een van de knopjes aan de voorkant van de t.v. Dat was overduidelijk RTL 4. Ik zag Barend en van Dorp. Frits Barend zat aan tafel met een houten hamer, en sloeg met elegance en het grootste plezier alle glazen van de tafel. Edwin Evers ving al die stukjes glas op, met een grammofoonplaat en gaf het door aan Jeroen van Inkel, die er een mozaïek van zat te maken.
Veronica zag ik in gekleurde letters staan. Ik zag mijn dochter met een kanten schortje en mutsje op, afkeurend kijken. Ik riep haar, maar er kwam geen geluid uit mijn mond.

De man met de televisie op zijn hoofd, bedankte me met een buiging, voor mijn hulp en verdween in een etalage. Meteen ging ik hem achterna, en klom door een openstaand raam naar binnen. Daar zag ik nog meer mensen, ze droegen allemaal een t.v toestel op hun hoofd. Langs de wanden van de kamer stonden uitnodigende rode en zwarte zitbanken, en iedereen zat geanimeerd met elkaar te praten, al verstond ik er geen moer van. Ik zag zelfs iemand met een complete schotel op zijn schouders. Hij zag mij staan en vroeg mij of ik misschien zin had in een ranzige pornofilm. In ruil voor de videoband, die ik nog steeds in mijn hand had, wilde hij mij wel een paar leuke uurtjes bezorgen. De rillingen liepen over mijn lijf en ik vluchtte een andere ruimte in.
Ik rende zo hard als mijn voeten mij konden dragen en liep vol, tegen een sarcofaag aan! Die in een donker hoekje stond opgesteld. En schrok me het lazarus toen de deksel openviel. In de kist stond niet zoals ik verwachtte een Egyptische mummie, maar Sneeuwwitje. Zij sloeg haar ogen op, geeuwde vermoeid en vroeg mij waar de zeven dwergen waren gebleven? Ik keek rond mij heen en zei haar, dat ik geen idee had. Sneeuwwitje zette een hoofdtelefoon op en vroeg mij om hem Aan te zetten. Zij wees met haar hand naar een fietsstuur dat aan de binnenkant van de sarcofaag zat. Het enige wat ik zag, was een fietsbel. Ik deed wat van mij verwacht werd en belde. ‘Tingelingeling’…..De ruimte vulde zich meteen met keiharde muziek van de Duitse groep Ramstein. Heel langzaam als bij een Mamapop gingen haar ogen dicht. En was Sneeuwwitje weer in diepe rust. Heel zachtjes sloot ik de kist en draaide mij om.

Van ver hoorde ik stemmen, een zangerig geluid deed vermoeden dat de zeven dwergen in aantocht waren. Ik besloot daar niet op te wachten, en stapte door een draaideur die er onverwachts was. Als een paard in een tredmolen liep ik tientallen rondjes, maar kon er nergens uit. Bij elk rondje die ik maakte, zag ik de meest vreemde dingen. Ik zag Elvis Presley in jailhouse-rock. Hij stond te swingen met z’n onafscheidelijke sjaaltje om zijn hals.
Jhon.F Kennedy zag ik innig zoenend met Marilyn Monroe, terwijl zij moeite deed haar jurk naar beneden te houden. Die steeds maar weer opwaaide. Een idioot gezicht. Een groep voetballers rende iplv een bal, achter een hoofd aan. Het was het hoofd van Minister Balkenende. Ik hoorde hem heel kalm zeggen; “Heren! Zoiets doe je toch niet, ik ben het er niet mee eens”. “Meneer de voorzitter, zeg er eens wat van”. Ik zag de Neeltje Jacoba voorbij de draaideur varen, en zag Mabel Wisse Smit zwaaien met de Nederlandse vlag. Zij juichte de voetballers toe. Ik sloeg op de deuren en schreeuwde om hulp. Aan de zijkant hing een grote rode telefoon, die ik nog niet eerder had opgemerkt.

Ik nam de hoorn van de haak, en drukte de enige knop in. Een vrouwelijke stem, sprak mij toe. “Geachte aanwezige, tot mijn spijt moet ik U als Koningin der Nederlanden verzoeken, te vertrekken”. “Het is helaas niet mogelijk gebleken U binnenskamers te houden”. Het draaien hield op en de deur ging open. Daar stond een meneer van de woningbouw, hij lachte vriendelijk. En vroeg mij of ik soms naar huis wilde. Wat een vraag! Ja!, natuurlijk wilde ik zo snel mogelijk hier vandaan.
Hij nam mijn hand, trok mij door de deur en verzocht mij de videoband in zijn mond te stoppen. Met twee handen trok hij zijn hoofd in twee delen, waardoor zijn hoofd naar achteren viel. Met afgrijzen keek ik toe, maar smeet met volle kracht de tape in zijn wijdopen gesperde mond.
Alsof ik meegezogen werd in een wervelstorm, tolde ik om mijn eigen as. Kreeg hier en daar een gooi en zag dat ik in een flipperkast terecht was gekomen. Van alle kanten zag ik grote zilverkleurige ballen op mij af komen, die ik ternauwernood kon ontwijken. Ik gleed en rolde van de ene naar de andere kant. En verdween in een gat aan de zijkant. Ik kreeg weer zo’n gevoel alsof ik van dikke stroop was. Mijn lijf gleed soepel door alle bochten die ik op mijn weg tegenkwam. Om eindelijk bij een grote brievenbus aan te komen. Ik opende de klep, en wurmde mij door de opening. Het warme vertrouwde licht van thuis trok mij door het laatste stukje. Met open mond viel ik op mijn knieën voor mijn televisietoestel. Verdwaast kijken naar de tape in mijn hand.
Je begrijpt dat ik na die ervaring, mijn recorder de deur uit heb gedaan. Ik lees voortaan wel een boek…………………


Esther @ 03-01-2004 17:58:07
Begin tegen mij maar nooit over godsdienstige dingen, daar heb ik geen weet van en wil ik ook niet. Maar bent u het er niet mee eens dat 'ik schrok me het lazerus' veel sterker en beter klinkt dan 'ik schrok me een hoedje'? Het is vergelijkbaar met schelden... als je 'potverdikkie' zegt klinkt het veel minder sterk dan als je bijv. 'verdomme' zegt. Lijkt mij...
Doeg


@ 02-01-2004 23:24:16
Esther,

Inderdaad, 'Ik schrok me het lazerus' bestaat tot mijn verwondering en tot mijn ontgoocheling, héél echt. Ik dacht dat Lazarus enkel aan onze kant stond. Lazarus, de patroonheilige van de dorstige zielen.

Schol!!!


Esther @ 02-01-2004 20:50:51
Ten 1ste vond ik het verhaal goed, maar ik wilde even iets kwijt over het commentaar van meneer Duym. Zijn 2de verbetering vind ik veel beter lezen als de originele zin, maar ik zou niet schrijven: ik schrok me een hoedje. Dat komt veel te bekakt over en dat past niet in dit leuke verhaal. Dus ik zou de zin van meneer Duym houden, en dan: Ik schrok me het lazerus toen de deksel openviel. (Ja bijna hetzelfde maar begin de zin wel met 'ik', dat leest wat fijner.
Doeg!


@ 02-01-2004 15:23:43
Origineel en fantasierijk.

Toch enkele opmerkingen over lukraak gekozen zinnen:

Jij: Maar eigenlijk was er niets op de televisie te zien, wat mij boeide.
Beter (volgens mij): Er was echter niets op (de)* tv wat mij boeide.

*Schrijfwijzer blz.234

Jij: Ik rende zo hard als mijn voeten mij konden dragen en liep vol, tegen een sarcofaag aan! Die in een donker hoekje stond opgesteld. En schrok me het lazarus toen de deksel openviel

Beter (volgens mij): Ik rende zo hard als ik kon, waarbij ik tegen een sarcofaag stootte die in een donker hoekje stond opgesteld. Ik schrok me een hoedje toen de (of het) deksel* openviel. * o en m
Let op clichés

Groetjes




roelien @ 29-12-2003 13:23:11
ik vind het een heel gaaf verhaal!! met zeer veel fantasie heb het met plezier gelezen



Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en René Claessens