vrijdag 22 september 2017
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
Jenna - Jan-Kareltje de Grote zorgt voor chaos
Gepubliceerd op: 22-09-2003 Aantal woorden: 835
Laatste wijziging: - Aantal views: 1239
Easy-print versie Aantal reacties: 0 reacties

Jan-Kareltje de Grote zorgt voor chaos

Jenna


(sorry voor eventuele spelfouten!)

Ik moet het vertellen, ik moet het kwijt!
Het is te vreemd voor woorden en toch waag ik een poging om het op te schrijven. Al is het dan op de digitale manier. (Who cares.)
Ik stond vanochtend op met het gevoel dat alles hetzelfde zou zijn als de dag er voor, en de dag daarvoor, en de dag daar weer voor, kortom, hetzelfde zou zijn als mijn saaie leventje.
Natuurlijk stapte ik met het verkeerde been uit mijn bed, en dan niet op de spreekwoordelijke wijze. Mijn linkerbeen sliep namelijk, en dus val ik languit op de grond en lijken er messen door mijn knie te gaan. Roepen heeft geen zin want er is niemand thuis. Heb ik weer hoor. Maar aan de andere kant bekijk ik het op een vrolijke manier, want nu gebeurd er eindelijk eens iets anders. Ik besluit een poosje te blijven liggen om dit gelukzalige gevoel nog wat langer te voelen. Mijn knie doet nu minder pijn en ik schuif naar de woonkamer. Ja, dat is dan weer mijn geluk, dat ik in een flatje woon.
In ieder geval, om het niet te lang te maken, kwam mijn ruwharige tekkel Jan-Kareltje de Grote naar me toe gerend, afgekort tot Jan-Kareltje.
’t Beestje had het op zijn heupjes en het werd me duidelijk dat hij al een dag of twee de buitenlucht niet had gezien of geroken. Maar ja, ik zat hier met mijn knie en ik had geen zin om uitgelaten te wórden door Jan-Kareltje.
Met veel moeite pakte ik een kaartje en een pen. Ik schreef mijn adres erop en pakte toen een elastiekje uit mijn verwarde haar, en knoopte het kaartje om Jan-Kareltjes halsje.
‘Ga, Jan-Kareltje de Grote. Ga en doe je behoefte.’ Ik wees naar de deur en het hondje was zo pienter dat hij de deur zelf open kon maken. Uitgeput en met een bonkende knie liet ik me languit vallen op de grond.

Niet veel later hoorde ik gekras aan de deur. In de verwachting dat zometeen Jan-Kareltje in mijn gezicht zou staan te kwijlen, deed ik mijn ogen dicht. (Namelijk niet prettig, hondenkwijl in je ogen.)
‘Mag ik vragen wat wij hier aan het doen zijn.’ Nog voordat ik mijn ogen open had besefte ik dat het niet gevraagd werd, maar het meer een soort bevel was om antwoord te geven.
Ik duwde mezelf een stukje omhoog en zag daar een man met een lange overjas, en sigaar en een aktekoffertje.
‘Nou, eigenlijk ben ik aan het uitrusten…’ stamelde ik.
‘Ik wil u er even op wijzen dat die hond van u tegen het wiel van mijn jaguar heeft staan plassen. En dat wiel is van zeer bijzonder rubber, en die vlekken zul je altijd blijven zien. Dus dat wordt dan 489 euro.’ Met open mond keek ik de man aan en viel een stukje terug op de grond.
‘Nou, ik denk dat toch dat die vlekken maar moeten blijven zitten want ik heb dat geld niet. En ik heb Jan-Kareltje de Grote niet gevraagd om tegen een jaguar te gaan staan pissen. Dus ik verzoek u nu deze flat te verlaten.’ Hij keek me woedend aan.
‘U hoort nog van mij advocaat.’ En met die woorden struinde hij de deur weer uit.
Zo, dat hebben we ook weer gehad, dácht ik. Nog geen seconde later ging de bel. Kruipend als een mislukte kleuter ging ik naar de deur en deed hem open.
‘Bent u de eigenaar van een klein lelijk hondje met een snor?’ een rood aangelopen vrouw keek me boos aan.
‘Nou, te horen aan uw toon zou ik willen dat het niet zo was…’
‘Die rothond van u heeft mijn boodschappentas omgegooid. 30 euro in de goot! Dus dat wordt vergoeden, dametje.’ Ik probeerde mezelf te beheersen.
‘Néé, u krijgt geen 30 euro, en ja, ik zal nog wel van je advocaat horen. Ga nu maar snel uw boodschappen uit de goot vissen voordat hij erop begint te poepen.’ En de vrouw ging beledigd weg.
En ja hoor, daar was de deurbel weer.
‘Uw hond heeft mijn dochtertje gebeten, 20 euro voor een tetanusprik….’
‘Die hond van u heeft het hele verkeer ontregeld, wordt dan een paar 100 euro omdat ik te laat ben bij een miljoenendeal…’
‘Die mislukte tekkel heeft mijn hele tuin door de war geschopt. Ik zou nu graag geld zien…’
‘Een klein bruin monstertje dat hier blijkt te wonen heeft mijn fiets afgepakt en is in de sloot gereden…’(Oh nee, toch iets te overdreven hé ;)
Ik werd arm én gek in een half uur. En net toen ik dacht dat Jan-Kareltje de Grote in navolging van Napoleon een nieuwe oorlog was begonnen stond hij in mijn gezicht te kwijlen.
De les die ik geleerd heb en eeuwig leesbaar wilde maken: koop nooit een tekkel die te actief is om twee dagen non-stop binnen te zitten.



Er zijn geen reacties op deze tekst.


Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2017 Geoffrey Reemer en René Claessens