vrijdag 21 september 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
God Dethroned - een existentieel onderonsje
Gepubliceerd op: 13-08-2003 Aantal woorden: 629
Laatste wijziging: - Aantal views: 1737
Easy-print versie Aantal reacties: 0 reacties

een existentieel onderonsje

God Dethroned


Ik voelde me een rockster. Een die nog moet doorbreken, die nog iedereen moet overtuigen, maar die er zichzelf reeds van bewust is en zijn aftakeling aangevat heeft, het kronkelende pad van verderf bewandelt op weg naar een jeugdige dood, zoals het volwaardige sterren behoort. Zo verloor ik langzaam maar zeker de hoofdrol in mijn eigen bestaan, viel mijn schaduw weg van mezelf en brak in duizenden stukken, elk met een minimale reflectie van wat eens was. Ik liet me leiden door chaotische spiraalvormige bewegingen, was het uiteenbarsten nabij. Ik aanschouwde de talloze ongefundeerde huizen, als waren het veilige capsules, behuisd door menig individu, elk met een eigen verhaal, en besefte dat ze hun hersenen reeds lang daarvoor in hun tuin geplant hadden. Immense creaties waren het geworden, niet meer in de hand te houden. De individuen van hun kant waren slechts verpakkingen van anekdotes, anekdotes waar ik nooit weet van zal hebben. Anekdotes die me trouwens bitter weinig interesseren en waar ik allerminst behoefte aan heb ze te horen.
Sartre kwam voorbij gewandeld en nam zich de moeite even tot mij te spreken. “Ik wil je vriend zijn,” zo sprak hij me toe, “toon mij wat vriendschap is. Let er alleen op dat je in elk geval jezelf niet bent. Gebruik mij, dat is stukken eenvoudiger, minder complex en misschien zelfs prettiger.”
“De tip is je ogen hard dicht te knijpen, je mond gesloten te houden en je vingers in je oren te stoppen, de geluiden in je hoofd te vrije loop te laten. Creëer je eigenste impressies. Wanneer de geur je hindert, doe dan voort zoals je bezig bent en laat hem hinderen, want je hebt tenslotte toch een bewijs nodig dat je leeft.” Meer had ik hem niet te zeggen.
“Daar, zie je, daar aan je linkerzijde, een kerkhof, een christelijk kerkhof. Hier teren ze weg op een gezapig natuurlijk tempo. Vervolgens…” Sartre wees opeens bruusk de tegenovergestelde richting aan. “…gaan ze naar dit grote modieuze winkelcomplex, daar, aan de rechterkant.”
Zijn repliek was treffend.
Iedereen bouwt zich een leven op rondom uitspraken. Uitspraken die reeds lange tijd gezegd zijn, en al ontelbare keren gezegd zijn, echter niks bezit minder originaliteit dan zulke levens die iedere dag opnieuw bestaan. Complexiteit is slechts een zelfbedrog, het is de illusie wekken op het juiste spoor te zitten, jezelf voor te spiegelen het te bevatten en ondertussen bewust wanhopig te spartelen naar enige vorm van orde in…, ja, in wat?? Impressies, gevoelens, op welk niveau ook beleefd, zijn de fundamenten, ook al staan deze meermaals haaks tegenover elkaar.
Sartre knikte instemmend met een zelfverzekerde blik alsof hij zo direct de existentie van de gehele kosmos zou kunnen weerleggen zonder enige moeite. “De meest walgelijke informatie ooit aan de massa vrijgegeven is de wetenschappelijke definitie van liefde. Ze moesten mensen beschermen tegen zichzelf!!” Even vond hij genoegen in de onvrede.
Een vogel, onsymmetrisch bontgekleurd met één helder alziend oog, kwam aangevlogen uit zijn jeugd en nam plaats op Sartres schouder. “Laten we opnieuw beginnen.”, verhaalde de vogel, “Laten we ons naar een ander terrein verplaatsen, en terug alle stappen overlopen, van het primaire tot het zijnde. Dat brengt de extase, en méér.”
Er restte mij niks meer dan uit het ritme te stappen. Deel uitmaken ervan, maar nooit weten waarvan, leidt tot frustraties. Stervend in een paradox heeft altijd wel al iets mystiek gehad. Ik dacht heel even de sleutel te zien, en meende mij achteraf te herinneren dat hij de vorm had van een leugen des levens, dat hij blind was en niet verdord door kennis, klaar om te inhaleren.
Overvloed aan overvloed, ik neem een schaar en verdeel je in gelijke delen. De junks krijgen er twee. Want zij brengen de naalden in ongeschonden oppervlakken…

Er zijn geen reacties op deze tekst.


Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en René Claessens