maandag 25 juni 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
kees niesse - De burgemeester ziet het niet meer zitten.
Gepubliceerd op: 18-11-2006 Aantal woorden: 996
Laatste wijziging: - Aantal views: 1824
Easy-print versie Aantal reacties: 1 reacties

De burgemeester ziet het niet meer zitten.

kees niesse






DE BURGEMEESTER ZIET HET NIET ZITTEN.

Het is zondagmiddag. Naargeestig weer, de regen kletterde tegen de ramen.
‘’Wat een naar weer hé Mien.’’
‘’Geeft niet Wouter, we blijven lekker thuis, ik ga koffie zetten.’’ Wouter zette de radio aan. Ook niks, dacht hij. Alleen maar van die rot herrie, vroeger was de radio veel leuker en gevarieerder. Mien kwam met de koffie binnen en twee tompoezen. Ze genoten.
‘’Zet die rot muziek af, Wouter, niet aan te horen.’’
‘’Je hebt gelijk Mien, ik zet wel een plaat op.’’
Hij liep naar de kast en pakte een plaat van Franz von Suppé en speelde de ‘’Dichter en Bauer’’ op zijn platenspeler.
‘’Hoe vind jij die muziek Mien?’’
‘’Wel mooi, maar ik hoor liever Andre Hazes.’’

‘’Die draai ik straks Mien, als we de borrel op tafel zetten.’’
Wouter pakte weer een plaat, nu één van Johann Strauss, de beroemde ‘’An der schónen blauen Donau’’.
Hij genoot van de tikken uit de luidspreker, echt nostalgisch, dacht hij.
Het regende nog steeds en het begon te stormen. Wouter keek naar buiten. Tot zijn grote verbazing zag hij Krelis, de burgemeester van dit gat, aan komen fietsen.
‘’Zie je dat Mien, wat moet hij toch in die regen.’’
‘’Zeker weer gevlucht voor zijn wijf’’, zei Mien.
‘’Krijg nou wat Mien, hij stopt hier voor de deur. Hij komt naar ons toe.’’ De huisbel rinkelde. Wouter slenterde op zijn sloffen naar de buitendeur en opende die.
‘’Goedemiddag burgemeester, leuk dat u langs komt.’’
‘’Hallo Wouter, mag ik binnenkomen, slecht weer hé.
‘’Natuurlijk, kom binnen, de koffie is bruin.’’
Wouter pakte de regenjas van de burgemeester aan en hing die aan de kapstok.
In de huiskamer werd hij hartelijk begroet door Mien.
‘’Wilt u koffie Burgemeester?’’
‘’Graag Mien, lekker warm hier en mooie muziek. Gezellig.’’
‘’Ik kom voor het volgende Wouter, ik heb weer last van ratten. Volgens mij komen ze van het autokerkhof naast mijn huis. Ik weet, dat jij vroeger reserve rattenvanger was in dit dorp, daarom doe ik een beroep op je. Wil je me helpen?’’
‘’Natuurlijk burgemeester, ik ga straks met u mee.''

‘’Je bent een fijne kerel. Helaas is het mij niet gelukt, je uitkering en zorgtoeslag te verhogen, want die hufters op het stadhuis hadden me door. Ik geef je wel wat poen uit mijn eigen zak, want ik verdien toch genoeg. Ik hou nu geld over, nu mijn wijf van me af is. Al mijn geld gooide zij over de balk aan kleding, uitgaan en drank. Ze houdt het nu met graaf von Bolkestein, verderop in dit gat.
Ik heb wel een fout gemaakt mensen. Mien keek nieuwsgierig naar hem.
‘’Mijn twintigjarige secretaresse Chantal bood mij aan bij mij in te trekken en het huishouden te doen. Ik vond dat goed, het is een aardige meid. Haar slaapkamer was naast de mijne. Ik lag nog niet in mijn nest, of ik hoorde haar al aan komen mijn kamer in.
‘’Ik heb het zo koud Krelis, mag ik naast je leggen’’, vroeg ze. Ik stemde toe. Ze kroop dicht tegen me aan mensen, ik had het niet meer. Ze was gauw warm en duwde haar grote tieten tegen me aan. Wat een sensatie, ze maakte me helemaal gek.’’
‘’Je eigen schuld burgemeester, je had haar niet in je bed moeten toelaten, je weet hoe die mokkels zijn, die hebben natuurlijk jeuk’’, zei Mien.

‘’Je hebt gelijk Mien, het was fout van mij, maar je bent een kerel en zo,n lekker mokkel naast je is ook niet gek, vooral omdat mijn wijf van me af is. Ik ben niet van beton.. Ik kwam natuurlijk zwaar slaap tekort. Tijdens de vergaderingen in het stadhuis zat ik soms zo stom te kletsen, dat de raadsleden maar wegliepen. Ik dacht steeds aan die heerlijke nachten met Chantal, want die lustte er pap van, zei ze steeds. Ik heb haar nu ontslagen, maar ze verdomd het mijn huis te verlaten.''
Wouter had medelijden met hem en bood Krelis een borrel aan. In een ommezien van tijd had hij er vijf op en begon wartaal uit te kramen. Toen de burgemeester even naar buiten keek tikte Mien met haar vingers op haar voorhoofd of ze zeggen wilde, wat een lulbehanger.
''Ik moet gaan, ga je nog mee Wouter. Mien bedankt voor de koffie, je bent een fijne vrouw, ik waardeer je. Hier heb je vast 100 euro, kun je wat drank inslaan.''
''Heel vriendelijk bedankt burgemeester.''
Waggelend liep Krelis naar buiten. Wouter pakte de fiets van de burgemeester.
''Ga maar achterop zitten Krelis, jij kan niet meer rijden.''
Krelis ging op de bagagedrager zitten en zong luidkeels het Wilhelmus. Wat een idioot, dacht Wouter.

Op een gegeven moment ging hij op de bagagedrager staan en zwaaide naar de bewoners, die achter de ramen de gordijnen opzij schoven. Wat een vertoning moeten ze gedacht hebben.
Wouter leverde hem netjes af aan Chantal, die tot verbazing van Wouter alleen topless gekleed was. Samen hebben ze hem in bed gelegd, waar hij zijn roes kon uitslapen. Wouter was op zijn hoede, want Chantal kwam naar hem toe en zei: ''Bedankt lieve schat, ik heb erg te doen met de burgemeester na zijn scheiding. Ik vertroetel hem vaak, maar hij wil van me af. Kunt u misschien een goed woordje voor me doen, want ik wil bij hem blijven, want hij is de ware in bed. Wouter doe je het, dan zal ik je vleselijk belonen en dat kan nu meteen, want hij slaapt toch.''
Dat werd Wouter te link en zei:
''Nee Chantal, daar begin ik niet aan, ik ga naar huis. Aju.''
Thuis gekomen moest hij steeds aan haar denken, wat een heerlijk lichaam had ze. Mien heb je nog een borrel, ik ben er aan toe.''
Zij schonk twee jonge klare in en riep: ''Proost.''

Kees Niesse.







René @ 29-11-2006 15:12:56
Zo mooi uit het leven gegrepen weer. Alleen die laatste zin had ik eraf gelaten.



Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en René Claessens