dinsdag 16 oktober 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
Marcel - Jarig
Gepubliceerd op: 19-03-2005 Aantal woorden: 6617
Laatste wijziging: - Aantal views: 1524
Easy-print versie Aantal reacties: 2 reacties

Jarig

Marcel


Hoofdstuk 1
De kleine Blaricumse villa lag in een lommerrijke omgeving. Een ideale omgeving om te wonen voor Hans en Thea Ruding. Beiden een goede baan en derhalve de mogelijkheid om goed te wonen in het Gooi.
Deze oktobernacht lagen ze te slapen, al was de slaap van Hans soms onrustig. Het was de nacht voor zijn vijftigste verjaardag en dan willen er wel eens wat gedachten door je heen gaan. Bij zijn dertigste had hij er nog weinig last van gehad, bij zijn veertigste iets meer. Nu bij het naderen van zijn vijftigste verjaardag was hij er duidelijk mee bezig. Ergens had hij het gevoel vanaf morgen een oude lul te worden.
Hij zou zijn verjaardag in ieder geval niet uitgebreid vieren. Geen uitgebreide visite, niet die eeuwige kring met mensen, die voortdurend vroegen om aandacht, niet de hele tijd heen en weer lopen met drank, hapjes en de onvermijdelijke broodjes.
Nee, dit jaar zou hij met Thea op stap gaan. Wat ze precies zouden doen wisten ze nu nog niet. Dat was iets voor overdag. Gewoon kijken waar ze zin in hadden.
Hans had er bij Thea op aangedrongen geen Abrahampop in de tuin te plaatsen. Als hij ergens een hekel aan had, dan was het wel daaraan. Het zou mensen uit de buurt maar op het idee brengen om langs te komen. Thea plaagde hem er wel mee maar kon een pop ook missen als kiespijn. Als zij over twee jaar vijftig werd, zou ze ook geen Sarapop in de tuin willen hebben. Beiden hadden geen behoefte aan dergelijke grappen. Het confronteerde je ook nog eens nadrukkelijk met je leeftijd.
Later in de nacht sliepen de beide villabewoners diep genoeg om niet te merken dat er in de tuin van hun villa enige activiteiten plaatsvonden. Die activiteiten waren al lang en breed weer voorbij toen de eerste ochtendschemer de slaapkamer van Hans en Thea begon binnen te komen.
Kort na elkaar werden ze wakker en kon Thea Hans met een dikke knuffel feliciteren met zijn verjaardag. Terwijl Thea naar beneden ging om een feestelijk ontbijt op bed klaar te maken, rekte Hans zich nog eens lekker uit en schoof de gordijnen van de slaapkamer open om door het geopende raam een vleug heerlijke buitenlucht binnen te zuigen.
Bijna op hetzelfde moment verstarde hij. Hij wreef zijn ogen nog eens goed uit maar het veranderde niets aan het beeld, dat hij voor zich zag. In de tuin, die bij de villa behoorde, zag hij een pop staan. Een Abrahampop met daarboven de tekst: “Hans vijftig jaar, gefeliciteerd!!”.
Hans was volkomen verbaasd. Hij riep Thea, die net zo verbaasd was als hij. Ze kon hem er snel van overtuigen dat zij niet achter deze actie zat. De pop stond op een plek die niet makkelijk zichtbaar was vanaf de weg maar onmogelijk was het niet. En daar hadden zowel Hans als Thea absoluut geen behoefte aan. Snel kleedden ze zich aan, liepen de tuin in op weg naar Abraham.
Dichterbij gekomen hadden ze het idee dat er wel moeite was gedaan om de pop levensecht te maken. Hij was tegen een boom aangezet en met touw vastgebonden.
Nog dichterbij gekomen konden ze de pop goed zien. Beiden stonden abrupt stil. Iedere kleur trok uit hun gezichten weg. Het was geen pop. Het was een man. En er bestond geen enkele twijfel over dat deze man zo dood was als een pier. Er zat bloed over zijn hele lichaam. En het mes dat in zijn hartstreek gestoken was, maakte het gruwelijke plaatje compleet.
Dit was nu niet het verjaardagscadeau dat Hans Ruding voor ogen had.

Hoofdstuk 2
Gedachten schoten in snel tempo door het hoofd van de jarige Hans Ruding. Hij was heel erg geschrokken maar de hersens in zijn hoofd werkte op volle toeren. Als manager bij een uitkeringsinstantie was hij gewend beslissingen te nemen. En nu moest hij handelen in deze bizarre situatie. Hou zou de politie moeten bellen. Maar gek genoeg had hij dat enkele minuten later nog steeds niet gedaan. Thea zat tegen een boom aan bij te komen van de schrik en kon voorlopig niets doen. Hans zou handelend moeten optreden. Hij zat opgescheept met een lijk en dat moest weg uit de tuin en wel zo snel mogelijk. Maar de optie om de politie te bellen leek hem toch niet zo aantrekkelijk. De politie zou natuurlijk de aandacht van de buurt trekken. Iedereen in de buurt zou spoedig weten dat er bij de Rudings een lijk in de tuin was gevonden. Dat zou uiteraard niet goed zijn voor hun reputatie. Dat stond Hans niet aan, helemaal niet zelfs. Voor de Rudings was hun goede naam heel belangrijk.
Ook zou de politie natuurlijk vragen gaan stellen, lastige vragen misschien wel. En daar zat Hans Ruding niet op te wachten.
Geen politie dus. “Wat moeten we nu?”, vroeg Thea naast hem met vertrokken stem. “Geen politie bellen in ieder geval. Ik los dit zelf op.”, zei Hans, terwijl hij naar de garage liep. Thea keek haar echtgenoot aan. Ze protesteerde eerst dat hij dit niet kon maken maar Hans noemde zijn argumenten en Thea legde zich snel bij de mening van haar man neer. Ze leek nog niet helemaal te beseffen wat er allemaal gebeurde.
Hans handelde nu snel. Hij reed in zijn auto zo dicht mogelijk naar het lijk toe, haalde uit de achterbak een aantal kleden en legde die naast het lijk. Van binnen was hij doodsbang maar snelle actie was geboden. Snel liep hij het huis in om handschoenen te pakken.
“Kom helpen Thea!”, riep hij. Thea keek hem geschrokken aan. “Wat ga je in hemelsnaam doen?”, zei ze maar in haar hart wist ze het al zo’n beetje.
“Het is beter dat ik je dat niet in detail vertel. Hoe minder je weet, hoe beter.” Hans keek haar doordringend aan. Wat een feestelijke dag had moeten worden, had een onwerkelijke wending genomen. Iemand had hen een onvoorstelbare loer gedraaid.
Werktuiglijk hielp Thea haar man om het lijk in dekens te wikkelen. Het mes lieten ze er maar in zitten. Ze wilden er niet bij stilstaan wat er zou gebeuren als ze dat eruit zouden trekken. Na een tijdje was het gehele lijk aan het zicht onttrokken door de dekens. Het was ondertussen licht buiten en spoedig zouden er mensen door de straat kunnen lopen, fietsen of rijden. Haastig tilden Hans en Thea het lijk op en deponeerde het in de achterbak. Het kostte ze beiden veel moeite maar het lukte. Op het laatste moment liet Thea even los waardoor het in dekens gehulde hoofd van het lijk tegen de rand van de achterbak klapte. Dat gaf een eng krakend geluid maar zowel Hans als Thea voelden geen aansporing om stiekem even tussen de dekens te kijken. Met een beetje duw- en trekwerk lag het lijk uiteindelijk in de achterbak. “Kan je het lijk wel alleen baas straks?”, vroeg Thea met gesmoorde stem. “Het moet.”, zei Hans grimmig. Hij stapte in de auto en reed weg.
Korte tijd later zette een andere auto zich eveneens in beweging.

Hoofdstuk 3
Het polderlandschap in Flevoland werd niet door iedereen in gelijke mate gewaardeerd. Hans Ruding was ook geen fan maar nu was hij blij met de afgelegen weggetjes en de sloten, die zich overal om hem heen bevonden. Een uitgelezen plek om iets te laten verdwijnen. Hij parkeerde de auto uiteindelijk bij een bos naast een brede sloot. De achterklep was snel open maar het lijk eruit krijgen bleek een ander verhaal. Steunend en kreunend sjorde Hans aan het lijk, ondertussen om zich heen kijkend of er geen verkeer op het smalle weggetje was. Hans zag echter niemand. Overigens lag dat aan de manier van kijken van Hans want binnen een straal van tweehonderd meter van het lijk bevond zich wel dergelijk iemand maar die wilde net als Hans niet gezien worden.
Uiteindelijk viel het lijk met een ploppend geluid uit de achterbank op de grond. Hans had de auto met de achterkant vlakbij de sloot gezet en het was nu een kleine moeite om het laatste zetje te geven. Met een plons verdween het lijk in de sloot en tot vreugde van Hans zonk het vrijwel meteen.
Snel stapte Hans in de auto en reed weg. Een paar kilometer verderop was hij echter gedwongen te stoppen. Hij begon helemaal te trillen en te zweten, net of nu pas tot hem doordrong in welke rare film hij onverwachts acteerde. Hij beleef een kwartiertje langs de kant van de weg staan om tot zichzelf te komen en reed toen naar huis.
De achtervolger van Hans zag waar het lijk werd gedumpt en verdween.
Het afgelegen stukje Flevoland was daarna weer het domein van wat weidevogels, veel kleine muggen en een eenzame passant die geen idee had van wat zich hier in het begin van de ochtend afspeelde.

Hoofdstuk 4
Thuis aangekomen trof hij Thea op de bank aan. Ze rilde wat en oogde bleekjes. Maar haar blik was helder. “Is het gelukt?”, vroeg ze. Hans knikte. Zwijgend zaten ze naast elkaar, ieder vervuld met hun eigen gedachten. Later in de ochtend gingen ze nog even aan de slag op de plek waar het lijk had gestaan. Alle sporen werden uitgewist en uiteindelijk zou niemand weten wat er was gebeurd. Behalve dan de persoon die het lijk in de tuin had gezet. Hans en Thea vroegen zich beide af wie hun dit grapje had geleverd maar ze spraken er niet over met elkaar. En dat was typerend voor de fase waarin hun relatie zich bevond. Oppervlakkig hadden ze een goed huwelijk maar de echte snit was er een beetje uit. Al zouden ze dat elkaar niet zeggen. Naar buiten toe straalden ze het leuke stel uit, al zesentwintig jaar samen maar nog steeds gelukkig. Het was als een boom die er van buiten goed uitzag maar van binnen tekenen van zwakte vertoonde.
Hans werkte al jaren als manager bij een uitkeringsinstantie. Hij vond zichzelf heel goed in die baan en had een riant salaris. Dat veel medewerkers geen hoge pet van hem ophadden zag hij niet of wilde hij niet zien. Het geld kwam binnen en hij voelde zich gewichtig, daar ging het om. Zijn vrouw werkte in een seniorfunctie op een uitkeringsafdeling van de dezelfde instantie maar op een ander kantoor. Ook zij verdiende goed. En zo konden ze het zich permitteren om in een kleine villa in Blaricum te wonen. En het leven in Blaricum was prettig geweest. Tot vanochtend dan toch in ieder geval.
Het goede gevoel was nu volledig weg. Grotendeels zwijgend brachten ze de rest van de dag door. Er werd van het werk een bos bloemen bezorgd met de hartelijke groeten van de collega’s en er kwamen wat kaartjes met de post. De telefoon namen ze de rest van de dag niet op. En allebei keken ze regelmatig naar buiten om toch maar zeker te weten dat er geen politieauto voor de deur zou stoppen. En zou degene die het lijk had geplaatst nog wat ondernemen? Gedachten hierover bleven door de hoofden van Hans en Thea Ruding spoken maar er gebeurde die dag niets bijzonders meer.

Hoofdstuk 5
Het was enkeledagen later. Hans Ruding lag nog nagenietend in haar bed. Zij was deze avond erg fel geweest in haar liefdesuitingen en Hans had dat helemaal niet erg gevonden. Hij wist eerst niet wat hem overkwam maar de gedachten aan het lijk in zijn tuin waren volledig weggesmolten onder haar passie. Het leek wel of ze ergens van bevrijd was. Natuurlijk was het altijd al een prettige afwisseling geweest om bij haar te zijn maar vanavond sloeg alles. Hij was blij dat hij in zijn agenda weer plaats had gemaakt voor één van die zogenaamde vervelende avondvergaderingen bij de uitkeringsinstantie.
En blijkbaar was haar vriend ook nogal uithuizig, want ze had regelmatig tijd om Hans in haar woning te ontvangen. Nadat ze samen wat gedronken hadden en wat chips verorberd begon ze hem opnieuw overal te zoenen. Eigenlijk had Hans Ruding zich voorgenomen om nu naar huis te gaan maar die plannen stelde hij met plezier nog een tijdje uit. De vergadering zou vanavond uitlopen.
Maar rond een uur of tien bleek ze toch verzadigd. Samen dronken ze nog snel een wijntje en kleedden zich aan.
De affaire tussen Hans Ruding en zijn secretaresse Miranda Gerrits was een paar maanden geleden begonnen. Tijdens de oeverloze vergaderingen waar hij voorzitter en zij notulist was, keek zij steeds meer met begerige blik in zijn richting. Hij had daar eerst geen oog voor gehad maar na enkele weken veranderde dat. Op het werk konden ze geen gekke dingen doen dus al spoedig volgde een afspraak bij Miranda thuis. Haar vriend kon blijkbaar niet in al haar behoeften voldoen en Hans wilde haar daar graag bij helpen. Miranda was een vrouw van geen woorden maar daden en zo was dit eerste afspraakje al direct uitgemond in een passionele vrijpartij. En sinds die tijd waren er bij de uitkeringsinstantie regelmatig vergaderingen in de avond. De afspraakjes waren altijd bij Miranda thuis. Thea was ’s avonds vaak thuis en dat was wat lastig. Miranda gaf Hans wat hij bij Thea de laatste tijd miste en hij was daar heel blij mee.
Nu wilde hij toch echt naar huis maar zij bleef aan hem hangen.
“Was je blij met je verjaardagscadeautje, lieverd?”, vroeg ze en ze lachte even. Hans keek haar niet-begrijpend aan. “Je hebt toch wel in je tuin gekeken!”, zei ze en ze moest opnieuw lachen.

Hoofdstuk 6
Hans Ruding keek zijn secretaresse Miranda Gerrits aan alsof zij van een andere planeet was gekomen. Alle kleur trok weg uit zijn gezicht. Hij hapte naar adem.
“Wat zeg je me nou?”, kon hij nog net uitbrengen. Miranda keek hem opgewekt aan. “Ik heb ons verlost van mijn vriend.”, zei ze op een toon of ze een pak yoghurt in de afvalbak had gegooid. Hans keek haar met snel toenemende angst en verbijstering aan. Hij was compleet sprakeloos en allerlei gedachten schoten door zijn hoofd. Dit was niet de afloop van een passionele avond, die hij voor ogen had. “Wil je weten hoe het ging?” Hans kon nog niets uitbrengen.”Het was eigenlijk heel makkelijk.”, zei Miranda op een samenzweerderig toontje. “Ik ken Jochem en weet dat hij snel boos wordt. Dus vertelde ik hem op de avond voor jouw verjaardag dat een manager op mijn werk avances naar me maakte. En Jochem hapte meteen. Hij werd vreselijk boos, hahaha. Je had hem moeten horen, hij flipte helemaal, wilde meteen verhaal bij je gaan halen. Dat het al nacht was kon hem niets schelen.”
Miranda pauzeerde even tijdens haar bizarre verhaal. Hans zat haar met open mond aan te kijken. Hij keek naar een vrouw die volkomen gestoord moest zijn. Jezus nog aan toe, dit kon helemaal niet.
“Wij dus de auto in. Ik had vast wat voorbereidingen getroffen. Natuurlijk een leuk felicitatiebord voor jou, lieverd. En een scherp mes. Alles vast in de achterbak. Het liep gesmeerd. We parkeerden de auto bijna bij jullie voor het huis en we liepen de tuin in. Jochem was in staat geweest om een ruit bij jullie in te gooien of de deur open te breken. Wat was hij nog boos zeg!!! Dus ik moest hem even tot de orde roepen. Ik riep dat hij even moest wachten en dat deed de sukkel. Een perfect moment om het mes in één keer in zijn borst te steken, haha. God, ik heb me wel eens afgevraagd of ik dat eng of vies zou vinden maar ik voelde niets. Alleen blijdschap dat ik jou nu voor mezelf had, Hansje. Het was nog wel zwaar om Jochem tegen die boom te zetten maar je moet wat voor de liefde overhebben, hahaha!”
Dat lachje. Mijn hemel, dat lachje. Zo opgewekt, zo vrolijk. Terwijl ze toch echt een moord had gepleegd. Hans kon niet bevatten wat er allemaal gebeurde. Geen schrijver zou dit kunnen verzinnen. Hij zou ongeloofwaardig zijn. Maar Miranda had zojuist een gruwelijke moord bekend tegenover de volkomen gechoqueerde Hans Ruding. En ze bleef maar lachen. Of het allemaal heel grappig was……
“Je moet wat voor de liefde overhebben?”, herhaalde hij de laatste zin van Miranda.
“Voor jou heb ik alles over, Hansje. Jochem kon me niet meer boeien. Ik had het helemaal gehad met die man. Hij kreeg niets meer klaar. Ik moest van hem af en aan wie kon ik zijn lichaam beter cadeau geven dan aan mijn grote liefde. Oh Hans, nu weet je dat ik er helemaal voor je ben. Ik hou zo van je!!”
Met een schok dacht Hans terug aan hun wilde vrijpartij eerder op de avond. Hij had het idee gehad dat ze bevrijd was. En ….. ze was bevrijd. Oh God, ze was volledig bevrijd van haar vriend!! En nu had ze een nieuwe vriend (prooi) gevonden. Hans Ruding kon er niet over uit. Ondanks dat voelde hij tot zijn verbijstering opnieuw een erectie opkomen.
“Hoe haal je het in je hoofd om zijn lijk in mijn tuin te zetten?!”, flapte Hans eruit.
Miranda keek hem vrolijk aan. “Voor jou wil ik tot het uiterste gaan, schatje. En dat wilde ik je volledig duidelijk maken Het was mijn ultieme liefdescadeau voor jou.”
Miranda Gerrits lachte haar Hans opnieuw vrolijk toe. Hans kon het niet begrijpen. Hoe had ze zoiets ooit kunnen doen? Het was volkomen waanzin geweest. Wat zou er zijn gebeurd als hij gewoon de politie had gebeld? Miranda was volledig de weg kwijt.
“Wat heb je trouwens met je cadeau gedaan, lieverd?”
Miranda Gerrits bleef opgewekt. Nergens een spoor van emotie, van waanzin, van besef van wat ze had gedaan.
“Het lijk is verdwenen Ik heb het ergens gedumpt.”, zei Hans geschokt.
“Ik dacht wel dat je de politie er niet bij zou halen. Ik ken je een beetje.”, lachte Miranda en ze begon hem opnieuw te zoenen. “Ik wist het wel. Nu zijn we voor elkaar bestemd! Jij en ik.”
Hans Ruding moest opeens aan Thea denken. Hij wilde weg van deze gruwelvrouw. Paniek greep hem aan.
“Lieve Hans. Ik wil voor altijd bij je zijn. Nu is het jouw beurt. Geef me je vrouw!! Verlos ons van haar. Je hebt toch wel een goed mes in huis…!”
Miranda Gerrits was nog niet uitgesproken maar Hans hoorde haar niet meer. Geschokt reed hij naar huis.

Hoofdstuk 7
Flarden van de wilde vrijpartij tussen Hans en Miranda en daarna de bekentenis van de moord op Jochem waren door enkele geopende ramen buiten te horen. Maar dan alleen voor iemand die erop uit was iets te horen. De gestalte in de tuin van Miranda Gerrits werd deze avond een stuk wijzer.

Hoofdstuk 8
Hans Ruding was vast van plan bij thuiskomst alles aan zijn vrouw te vertellen. Hij moest aan iemand kwijt wat hem was overkomen. Maar toen hij de sleutel in de voordeur stak en Thea ongerust naar hem toe zag komen zei hij niets over Miranda Gerrits. Hij verontschuldigde zich dat de vergadering zo lang had geduurd.
Die nacht gingen de gedachten van Hans uit naar het lijk, dat nu in een Flevolandse sloot lag weg te rotten. Het ging dus om de vriend van zijn maîtresse. Het was vreemd dat er nog door niemand alarm was geslagen om zijn dood. Had Jochem wel familie? Miste de buurt hem niet? Hoe zou Miranda zijn afwezigheid kunnen verklaren? Al woelend bleven deze vragen door zijn hoofd schieten. Hij zou een antwoord op deze vragen moeten krijgen. En die antwoorden lagen bij Miranda. Na haar schokkende bekentenis had hij even helemaal geen behoefte meer gehad om haar ooit te zien maar hij besefte dat hij tot haar veroordeeld was. Ze zou anders zelf ongetwijfeld contact zoeken. En op het werk zag hij haar sowieso dagelijks. Miranda kon hem in grote problemen brengen als hij haar liet vallen. Zuchtend keek hij naar het klokje op het nachtkastje. Het was nog midden in de nacht. Thea leek rustig te slapen ondanks de schok, die ook zij moest hebben gehad.
Later in de nacht verplaatsten de gedachten van Hans zich naar de laatste woorden van Miranda voordat hij weggereden was. Zij had om zijn vrouw gevraagd. Hij zou Thea moeten vermoorden….. Mijn God, het mens was volledig gek. Natuurlijk zou hij haar niet vermoorden. Hij was geen moordenaar. Misschien zou hij toch naar de politie moeten gaan maar dan zou hij zelf ook in grote problemen komen.
En zo bleef Hans Ruding maar malen. Hij zou in ieder geval indringend met Miranda moeten praten over wat te doen. Ze zouden moeten zwijgen over wat ze wisten en ze zouden elkaar niet meer kunnen ontmoeten. Ze moesten leren leven met hun geheim. Hans maakte zichzelf wijs dat het uiteindelijk allemaal goed zou komen. Ja toch?
Eindelijk viel Hans in de nanacht in slaap. Hij droomde over Miranda. En hij werd wakker met een erectie.
De volgende dag regelde Hans met Miranda dat ze beiden een dag later een paar uur vrijnamen. En zo liepen ze een dag later door het bos. Hans vroeg Miranda waarom nog niemand alarm had geslagen om de dood van Jochem. Zij lachte en zei dat hij geen naaste familie had. Zijn ouders waren ooit omgekomen bij een vliegtuigongeluk en hij had geen broers en zussen. En ooit zou een ver familielid hem wel missen maar die wisten niet dat Jochem regelmatig bij Miranda zat. En waar Jochem eigenlijk woonde had hij haar nooit verteld. Hij was voorstander van een vrije relatie. Om eerlijk te zijn had ze maar bar weinig van hem geweten maar het was een tijdje heel lekker geweest tussen hen. De buurt zou zich zeker afvragen waarom hij niet meer bij haar thuis kwam maar ze zouden al snel denken dat er weer een andere man in haar leven was. Ze kende haar inmiddels.
“Ze zien jou ook regelmatig bij mij voor de deur!”, schaterde Miranda. Hans bedacht zich dat dit inderdaad een plausibele verklaring kon zijn. Jochem zou ongetwijfeld ergens gemist worden maar blijkbaar was niemand op de hoogte van de link met Miranda. Hoopte hij.
Toen bracht hij het gesprek op Thea. “Je kan toch van mij niet verwachten dat ik haar ooit om het leven zou brengen?”, vroeg hij haar. “Je gaat echt te ver. Ik denk dat het verstandig is dat we elkaar niet meer zien, Miranda. Ik zal niemand iets vertellen over wat je gedaan hebt en jij vertelt niemand iets over mijn rol hierin!”
Hans probeerde overtuigend op haar over te komen maar hij had bar weinig succes. Miranda leek niet in het minst geschrokken van zijn woorden. Ze keek hem aan. “Hans, je weet dat wij voor elkaar bestemd zijn. Je komt niet voor niets steeds bij mij. Ik wil voor altijd bij je zijn. En dat je je vrouw nu nog niet kan vermoorden snap ik best. Maar uiteindelijk kan je het wel. Want in je hart wil je mij net zo graag als ik jou!!” Hans schudde heftig met zijn hoofd maar ze niets. Miranda moest weer lachen.
“Ik hoef het toch zelf niet te doen hoop ik?”, zei ze op een plagende toon.
Hans Ruding keek haar geschokt aan. “Hou hiermee op, Miranda!!”, zei hij maar hij kon geen indruk op haar maken. Ze liepen een tijdje zwijgend verder in het bos.
Misschien had Hans nu weg moeten lopen, direct naar de politie of terug naar zijn vrouw maar hij deed het niet. Om de een of andere reden kon hij het niet.
Het leek wel of Miranda zijn gedachten kon lezen. Ze glimlachte en trok Hans opeens naar zich toe en begon hem voluit te zoenen. Hans deed een zwakke poging om haar weg te duwen maar ook dat lukte niet. En wat hij korte tijd geleden voor onmogelijk zou hebben gehouden gebeurde. Hij genoot van Miranda’s lippen, die hem overal raakten. Middenin een Blaricums bos was er geen houden meer aan. Hij wist dat ze een moordenaar was. Hij wist dat ze krankzinnig was. Hij zou haar ogenblikkelijk moeten dumpen en naar de politie stappen. Maar Hans Ruding deed het niet. Hij kon Miranda Gerrits niet weerstaan.
Maar terwijl ze half naakt in een Blaricums bos de liefde bedreven bedacht hij zich nog wel dat hij Thea nooit zou kunnen vermoorden. Toch?

Hoofdstuk 9
’s Avonds at hij thuis alsof er niets gebeurd was. Thea was niet op de hoogte van zijn vrije middag en koesterde dus geen argwaan. Enkele dagen later keken Hans en Thea naar een politiebericht op de televisie. In Nijverdal bleek een man vermist te worden. Hij was daar op een dag weggereden en niet meer teruggekeerd. De politie vroeg om hulp van het publiek en toonde een foto van de betreffende man. Hans en Thea schrokken want allebei wisten ze dat deze man nooit meer naar Nijverdal zou terugkeren.
“Zouden we echt de politie niet moeten inseinen?”, vroeg Thea haar man nog zwakjes maar beiden wisten dat het daarvoor nu te laat was. Er was geen weg terug. Ze moesten hiermee leren leven. Hans dacht aan Miranda. Zou zij het politiebericht hebben gezien?
De dagen die volgden moest Hans Ruding steeds vaker aan Miranda denken. Zij nam steeds meer bezit van hem. Het besef dat zij een krankzinnige moordenaar was, bleef in zijn gedachten maar hij leek er steeds minder moeite mee te hebben. Want ze was vooral ook een heerlijke meid om mee te vrijen en te praten. En misschien was die Jochem niet zo aardig voor haar geweest. Wie weet wat hij haar had aangedaan. Dat kon toch zo zijn? Hans bedacht zich dat dit zo kon zijn. Misschien was het wel goed dat Jochem in een sloot lag weg te kwijnen. En dat Miranda het lijk in zijn tuin had gezet was natuurlijk absurd. Maar misschien was het een schreeuw om hulp. Ze had Jochem vermoord maar had geen raad meer geweten met het lijk. Zij had hem gebruikt om van het lijk af te komen. Zij had hem medeplichtig gemaakt zou je kunnen zeggen. Maar zo wilde Hans Ruding niet meer denken. Nee, er was een knappe vrouw die helemaal gek op hem was en met hem samen wilde zijn. Met hem, de wat dikkige manager van een uitkeringsinstantie, die al lang met zijn vrouw samen was. Miranda Gerrits was ongetwijfeld gek maar hoe langer Hans Ruding erover nadacht hoe minder moeite hij ermee had.
Naarmate de weken na de moord op Jochem verstreken merkte Hans steeds vaker dat hij ernaar verlangde om bij Miranda te zijn. Niet even maar permanent.
Hij kreeg steeds meer moeite met het feit dat hij niet altijd een vergadering als smoes kon gebruiken om ’s avonds bij haar te zijn. Miranda had het de afgelopen weken niet over het vermoorden van Thea gehad. Daar was Hans blij mee geweest maar hij moest wel erkennen dat Thea een samenzijn met Miranda behoorlijk in de weg stond.
De ene keer dat hij ’s avonds bij Miranda had kunnen zijn was fantastisch geweest. Het leek net of er geen akelige dingen waren gebeurd. Miranda Gerrits merkte dat de houding van Hans naar haar toe aan het veranderen was en was daar heel blij mee.
Ook de gestalte die deze avond weer verdekt in de tuin van Miranda stond, ontging de gang van zaken niet.

Hoofdstuk 10
Er was een tijd dat Hans Ruding nooit in staat zou zijn om iemand te vermoorden. Maar de laatste dagen twijfelde hij daar soms aan. Hij zou het niet kunnen maar af en toe bekroop hem een fantasie dat hij het toch zou doen. Dan zag hij zichzelf een mes pakken, naar zijn vrouw Thea lopen en het mes in één keer in haar borst steken. Hij zag zichzelf daarna naar Miranda rijden, heftig met haar vrijen en nog lang en gelukkig leven. Maar ja, het was maar een fantasie want dit kon allemaal niet in werkelijkheid gebeuren. Hij zou zijn vrouw ergens kwijt moeten raken en het verdwijnen van Thea zou toch opvallen in de Blaricumse buurt en op het werk.
De eerste tijd wierp hij de fantasieën ver van zich af maar de gedachte bleek hem niet meer los te laten. En hij begon er uiteindelijk ook met Miranda over te praten. En zij versterkte zijn gedachten en bood hem oplossingen voor de problemen die zouden kunnen ontstaan. Miranda Gerrits zou het wel wat vinden als Hans Ruding en zij er met onbekende bestemming vandoor zouden gaan. Geld had Hans voldoende. Hij zou zelfs zijn villa niet hoeven te verkopen. Lekker weg naar een afgelegen land waar ze niet zouden worden gevonden. Hans Ruding hoorde het allemaal aan en zei tegen Miranda dat dit nooit zou lukken. Het kon gewoon niet.
Maar aantrekkelijk klonk het wel. En Miranda wist langzamerhand zijn hersens te benevelen en zo kwam het dat uiteindelijk het idee om zijn vrouw om te brengen helemaal niet meer walgelijk was. Het had eigenlijk wel iets spannends, iets wat hem in een soort paradijs zou brengen. Scheiden van Thea was niets. Dat zou hem alleen maar een hoop geld kosten en Thea zou het hem behoorlijk lastig kunnen maken. Nee, dit probleem vroeg om een rigoureuze oplossing. En ach, hij had al eens een lijk weggemoffeld dus dan kon dit er nog wel bij. Het was toch tot nu toe allemaal goed gegaan?
Op een zonnige dag vroeg Hans Ruding zijn vrouw of ze zin had om een wandeling te maken in het nabijgelegen bos. Thea had daar wel oren naar en zo gingen ze op pad. Het scherpe mes prikte bijna door een jaszak van Hans, terwijl ze verder het bos in liepen.

Hoofdstuk 11
Voor Thea Ruding had haar geordende leven in een grote Blaricumse villa een nare wending genomen toen ze ontdekte dat haar man vreemd ging. De smoes van de avondvergadering had ze al snel niet meer geloofd en ze ging haar man met haar eigen auto volgen toen hij weer zo’n vergadering had. De schok was groot geweest toen ze de waarheid ontdekte maar ze had gezwegen naar haar man. Zij hoopte dat het een bevlieging zou zijn van een bijna vijftigjarige die moeite heeft met het klimmen van de jaren. Verder wilde ze absoluut vermijden dat ook maar ergens in de buurt ontdekt zou worden dat het gelukkige stel Ruding helemaal niet zo gelukkig was. De schande zou groot zijn. Haar man aanspreken op zijn daden zou grote risico’s inhouden. Nee, voorlopig droeg ze haar lot in stilte en hield haar man in de gaten.
De dag dat er opeens een lijk in hun tuin stond was ze oprecht hevig geschrokken. Toen Hans met het lijk in zijn achterbak wegreed, volgde Thea hem direct. Ze wilde weten wat haar man met het lijk deed en of hij echt niet wist wie het was. De dag dat Hans de waarheid over de moord op Jochem hoorde, stond Thea in de tuin mee te luisteren. Ze ving genoeg op om voor altijd een hekel aan Miranda te krijgen. Haar man zou nu wel tot inzicht komen. Dacht ze.
Maar in de weken die volgden bleek dat ijdele hoop. Haar man en Miranda werden steeds intiemer. Nooit had Hans in de gaten dat zijn vrouw hem doorhad. En waar bij Hans de moordplannen tegen zijn vrouw wortel vatte, ontkiemde bij Thea een plan om met Miranda af te rekenen.
De wandeling in het Blaricumse bos verliep prettig totdat Hans Ruding in zijn jaszak naar zijn mes greep. Thea zag opeens een mes flikkeren en bedacht zich geen moment. “Hans, geef hier dat mes! Het spel is uit!”
De hand waarin zich het mes bevond, begon tot afgrijzen van Hans te trillen. Hij keek haar verbouwereerd aan. Eigenlijk had Hans Ruding de kans om zijn vrouw te vermoorden nu al laten lopen. Hij keek naar haar en hij kon het gewoon niet. Echt niet.
“Geef maar hier Hans Je zou er spijt van krijgen.”
Hans besefte dat ze gelijk had. Godverdomme, ze had gelijk. Hoeveel hij ook naar Miranda verlangde, hij kon zijn vrouw niet vermoorden. Vele jaren lief en leed maakte je niet zomaar kapot. Hans gaf het mes aan zijn vrouw, in zijn hart blij dat hij ervan af was.
Thea nam het mes in ontvangst. Ze was geschrokken toen Hans het mes uit zijn jaszak haalde maar ze was erop voorbereid geweest. Ze wist in haar hart dat Hans haar nooit zomaar om zeep zou helpen. Zij kende haar man na al die jaren heel goed. Maar het had natuurlijk toch anders kunnen aflopen, dat besefte ze ook.
Nu werd het tijd om met Miranda af te rekenen. “Hier heb je pen en papier. Schrijf een briefje aan Miranda dat je wil stoppen met jullie relatie.”
Hans Ruding stond versteend tegenover zijn vrouw. “Jij wist ervan?!”, bracht hij nog uit. Meer kon hij niet zeggen. Het had geen enkele zin. Ontkennen was zinloos. Hans was niet langer de in zijn ogen besluitvaardige manager van de uitkeringsafdeling. Hij was de slappeling die de meeste mensen zonder dat hij het wist al in hem zagen. Eerst had hij zich door Miranda laten bepraten en nu door Thea.
“Schrijf die brief, laten we doorgaan met ons leven. Je bent een klootzak maar ik wil proberen je te vergeven als je nu breekt met die Miranda. Niemand zal weten wat er gebeurd is. Miranda kan ons niets maken met dat lijk want zij heeft bloed aan haar handen. Als jij doorgaat met die trut zal je nooit echt gelukkig worden. Straks vermoordt ze je ook, net zoals ze dat met haar eerdere vriend heeft gedaan!”
Hans was verslagen. Ze wist alles. Ze moest hem zijn gevolgd en dingen hebben opgevangen. Jezus, ze wist alles….echt alles. Wat had hij haar onderschat. Wat moest ze boos op hem zijn voor wat hij haar had aangedaan. En toch wilde ze hem vergeven. Waarschijnlijk vanwege de schande die de buurt over hun zou uitspreken als ze uit elkaar gingen maar toch…. ze wilden hem vergeven. Opeens vroeg hij zich af hoe hij zich zo door Miranda had laten beïnvloeden. Hoe had het zover kunnen komen? Hij en Thea hoorde bij elkaar. Alles zou goed komen. Even vroeg hij zich nog af of Thea in staat zou zijn om Miranda iets aan te doen. Het was maar een vluchtige gedachte. Thea had momenteel het heft in handen en niet hij.
Hans Ruding deed wat hem gevraagd werd.

Hoofdstuk 12
Miranda Gerrits kon een gilletje van vreugde niet onderdrukken toen ze de SMS op haar mobiele telefoon las. “Allerliefste Miranda, ga nu naar het Blaricumse Bos. Loop naar het Beukenlaantje en ga tegenover het jou welbekende bankje het bos in. Naar de plek waar wij zo’n mooie herinnering aan hebben. Daar wacht het cadeau op je waar je zo lang op gewacht hebt. Kom snel want ik heb je nodig!! Kusjes, Hans.”
Miranda was helemaal gelukkig. Hans had gedaan wat ze had gewild. En nog wel op de plek waar ze een fantastische vrijpartij hadden gehad. Ze kon niet wachten om bij hem te zijn. Vervuld van blijdschap stapte ze in haar auto en reed naar het Blaricumse Bos.
Ze liep het Beukenlaantje in en belandde bij het bankje.
Er liepen een paar mensen door het bos maar erg druk was het niet. Miranda keek even om zich heen of er niemand in de buurt was en liep het bos in. Welgemoed liep ze enkele tientallen meters door het dichte bos en zag toen iets liggen. Het was een deken met iets eronder.
Op de deken lagen enkele rozen. Huilend van blijdschap liep ze naar de deken en tilde hem op. Daar lag haar Hans. Bloed was overal. Hans Ruding keek haar met uitpuilende ogen aan. Een welgemikte steek in de hartstreek had een einde gemaakt aan zijn aardse bestaan.
Miranda Gerrits begon te gillen. Dat hield echter snel op toen ze na een welgemikte slag op haar hoofd bewusteloos op de grond viel.

Hoofdstuk 13
Het gillen was in het Blaricumse Bos niet onopgemerkt gebleven. Een paar wandelaars belden de politie en gingen op zoek naar de plek des onheils. De wandelaar die als eerste het lichaam van Hans vond, moest gelijk overgeven. Het bewusteloze lichaam van Miranda lag deels ontbloot half over het bebloede lichaam van Hans heen. Haar hand lag om het heft van het mes, dat een einde had gemaakt aan het leven van Hans Ruding.
Sirenes verstoorden de stilte in de omgeving van het bos. Politiemensen sloten een groot deel van het bos af, namen alle wandelaars in de omgeving mee voor verhoor en onderworpen de plaats delict aan een grondig onderzoek. Miranda Gerrits werd naar het ziekenhuis gebracht voor onderzoek. Daar bleek er buiten een buil om weinig met haar aan de hand te zijn. De buil bleek veroorzaakt te zijn door een slag op het hoofd met de wandelstok van Hans Ruding, die bij het lijk werd aangetroffen. Vanuit het ziekenhuis werd Miranda naar het politiebureau vervoerd en gearresteerd op verdenking betrokken te zijn bij de moord op Hans Ruding.
Maar het werd nog mooier voor de Blaricumse politie toen ze een brief lazen , die ook op de plaats delict werd aangetroffen. In de brief schreef Hans Ruding aan Miranda Gerrits dat hij schoon schip wilde maken en hun relatie als vrienden wilde beëindigen. En nog mooier was dat hij schreef dat hij niemand ooit zou vertellen wat Miranda met Jochem had gedaan. De naam Jochem deed spoedig een belletje rinkelen bij de politie. Het bestand met vermiste personen bracht uitkomst. Miranda Gerrits leek te hebben afgerekend met haar minnaar, die de relatie wilde beëindigen en mogelijk had ze ook iets te maken met de verdwijning van Jochem Peters uit Nijverdal.
Miranda Gerrits was voorlopig van de straat.

Hoofdstuk 14
Thea Ruding had het mobieltje van Miranda Gerrits snel gevonden. Het was niet de bedoeling dat de politie het door haar ingetikte SMS-je onder ogen zou krijgen. Het mobieltje werd snel geloosd evenals de mobiel waarop de SMS was ingetikt.
Terwijl sirenes de stilte in Blaricum verstoorde liep Thea Ruding naar huis. Ze moest thuis zijn als de politie aan de deur zou komen. Diep van binnen huilde ze om wat er de afgelopen tijd allemaal gebeurd was. Maar van buiten was het haar niet aan te zien. Hier liep een andere vrouw dan enkele maanden terug. Een burgerlijke vrouw met een saai bestaan was een moordenares geworden. Er was heel veel gebeurd en het had veel met haar gedaan.
Of ze ermee zou wegkomen wist ze niet. Ze voelde zich een slachtoffer van alles wat gebeurd was en hoopte dat de politie geen verdenking naar haar toe zou krijgen. Maar de politie zou Miranda voorlopig verdenken van de moord. Hans en Miranda hadden ruzie gekregen in het bos. Hans had Miranda geslagen met zijn wandelstok en zij had hem vermoord voor ze bewusteloos was geraakt. Op de wandelstok zouden alleen vingerafdrukken van Hans worden aangetroffen. De politie zou zeker twijfelen en daarom was het briefje ook een extra middel om Miranda verdacht te maken. Miranda zelf zou dingen kunnen vermoeden maar niet zeker weten kon ze niets.
Thea was van mening dat het vermoorden van Miranda te gemakkelijk zou zijn geweest. Het kreng moest jaren creperen in de cel.
Thea Ruding kwam thuis, ging op de bank zitten en hoopte er het beste van.


Adriaan @ 23-03-2005 09:55:49
Beste Marcel,

Ik heb je verhaal met veel genoegen gelezen. Vooral de Abraham in de tuin vind ik goed gevonden. Toch zie ik de tekst als een eerste aanzet die verder uitgewerkt moet worden.

De verteltrant is m.i. te afstandelijk en mogelijk heeft het wat ambtelijk breedsprakig taalgebruik hiermee te maken. Ook ben ik veel doublures tegengekomen die geen echt toegevoegde waarde hebben.
Het verhaal leent zich voor een directer en spannender benadering. Vergelijk het met actiescènes in een film. Als lezer wil ik graag meegesleept worden op de heftige momenten zoals de delicten en liefdesscènes. Met beschouwelijke en omschrijvende terugblikken bereik je dat niet. Kortom: maak het meer ‘vlees en bloed”.




dichtermede @ 20-03-2005 23:07:24
Na het saaie begin....gruwelijk verrassend...!
Compliment....

Zo zie je maar, 50 worden is zelden leuk.....



Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en René Claessens