zaterdag 22 september 2018
Snel naar rubriek:
Inloggen      Registreren
Bert Pinkster - Een zomer feest (7)
Gepubliceerd op: 20-09-2004 Aantal woorden: 4416
Laatste wijziging: 03-10-2004 Aantal views: 1649
Easy-print versie Aantal reacties: 1 reacties

Een zomer feest (7)

Bert Pinkster


Lang voor twaalven zat ik in Sankt Dominik. Ik had een lange, hete douche genomen en geprobeerd de indrukken van de vorige avond met het waswater de goot in te spoelen. Ik vroeg me af of de anderen niets gemerkt hadden. Voorlopig zou ik er niet naar kunnen vragen, want ik had geregeld dat ik vandaag vrij zou zijn. "Natuurlijk," hadden ze gezegd, "no problem! Ga maar lekker een dagje met Mildred op stap….. Het zwembad gaat op zondag toch pas 's middags open, wij redden het wel. Lots of fun! Have a good time! Enjoy yourself!"
In het Gästehaus bleek Paul Wimmer er deze morgen alleen voor te staan. Hij zag er niet erg uitgeslapen uit. Ook hij had blijkbaar een korte nacht gehad. Aan de toog stond een man bier uit een flesje te drinken.
"Paul, ein Cola bitte!" vroeg ik.
Een glas werd voor me op tafel gezet, niet zo'n groot als waaraan ik inmiddels gewend was geraakt. Dat was waar ook: je moest om "ein großes Coke" vragen. Ik deed het er maar mee. Veel volk was er overigens niet, zo 's morgens.
"O ja, diese Karte ist gestern gekommen. Für dich vielleicht?" Hij toonde een ansichtkaart waarop ik mijn moeders handschrift herkende.
"Ja, die is voor mij," zei ik en kreeg hem in handen. Ze toonde een compositie van vijf foto's van de Rotterdamse haven in vol bedrijf. Rond de middelste, die rondgeknipt was, stond: Groeten uit Rotterdam. Op de achterkant stond, naast het adres, slechts: “Pa en ma”. Fijn, zo'n kaart, dacht ik en stak haar zo snel mogelijk in mijn achterzak.
"Goed nieuws?" vroeg Paul belangstellend.

Om even voor half twaalf kwam Frau Wimmer om Paul af te lossen. Ze had nog maasr koud haar jas uit of Paul stapte de deur uit en even later hoorde ik zijn Mercedes starten en met gierende banden vertrekken.
"Ein großes Cola, bitte," bestelde ik. En ja hoor.....
Edward was natuurlijk allang vertrokken. Ik betwijfelde of hij zijn trein van zes uur gehaald had. Dan had hij nauwelijks tijd gehad om te slapen. Misschien had hij een latere trein kunnen nemen, die van zeven of acht uur..... En wat zouden Mildred en ik vanmiddag doen? Zwemmen? Een zwembroek had ik niet meegenomen. Maar die had ik vast en zeker ook niet nodig…..! En wanneer wel, zou ze zeker zien, dat ik geen tas bij me droeg en daar een opmerking over maken. Zo praktisch was ze wel. Wie weet had ze ook nog een heleboel van de heerlijkste picknickspullen in de kofferbak. Paradijselijk zou het worden…..
Ik hoorde een auto stoppen aan de achterkant van het Gästehaus. Het was Paul maar, die alweer terugkwam met een morsig mannetje in een veel te groot colbert en een bruingelebberde sigaret onder een afgevreten overblijfsel van wat eens een snor moest zijn geweest. Zijn haar stond, voor zover het er was, alle kanten uit. Hij keek bij binnenkomst om zich heen, en zei met een krakend piepstemmetje: "Guten Morgen."
"Morgen," antwoordde ik. Beiden losten op in het heldere licht, dat uit de keuken stroomde. Het was inmiddels twaalf uur voorbij en Mildred had zich nog altijd niet gemeld. Was het drie kwartier geleden nog aardig geweest als een van de jongens het Gästehaus binnengekomen was, nu zou het al gauw de aanblik geven dat ik de hele morgen had zitten wachten. Meestal kwamen we zo rond half één voor de lunch; ik zou nog vijf minuten geduld oefenen. Misschien kwam ze wel gauw nu….. Wie weet had ze panne met haar auto, of had ze zich verslapen….. Of was ze vergeten dat we afgesproken hadden? Liet ze me een blauwtje lopen….? Misschien ook stond ze bij Theresia op me te wachten! Ze vond het vast vervelend om een vriendje hier op te pikken…..
Het begon al wat drukker te worden. Ik betaalde voor mijn cola’s en stond op.
Haar groene Datsun Cherry was buiten niet te bekennen. Op de parkeerplaats naast het Gästehaus stonden alleen Pauls Mercedes, een gele BMW en een Volkswagen Kever. Ik stak over naar de speelplaats. Als ik een van de andere Bademeister zou tegenkomen, kon ik hier tenminste proberen achter het een of andere speelobject weg te duiken, of voorgeven dat ik net met een kind aan het spelen was geweest. Maar ik kwam niemand tegen.
Ik koos voor het wandelpaadje achter de kerk langs en kwam uit bij de wei, waarin Yoshi graasde Edward zou hem nog missen. Ook bij Haus Theresia was haar auto niet. Ik liep de trap op met twee treden tegelijk. Misschien had ze een briefje achtergelaten….. Van de kant van Powers' kamer kwam geen enkel geluid. Ik opende mijn deur. Niets! Er hing geen briefje op (het was er ook niet afgevallen), er lag ook geen papiertje op de grond dat onder de deur door geschoven was. Ik inspecteerde zelfs de binnenkant van de deur. Niets, helemaal niets! Verdomme! Verdomme!!! Ik kon nu natuurlijk ook niet meer gewoonweg naar het Gästehaus gaan om te eten en net doen alsof er niets voorgevallen was….. Het was al half één geweest. Ik zou iets moeten verzinnen voor het geval ze me later zouden vragen hoe het geweest was vandaag. Ze zouden natuurlijk erg nieuwsgierig zijn…..! We waren natuurlijk naar dat riviertje geweest, en hadden er gepicknickt….. Ze had alleen lang niet alle beloftes kunnen waarmaken, hoor.....! Nee, het was wel leuk geweest, zolang het geduurd had, maar nu zocht ze het dan verder zelf maar uit..... Verandering van spijs, nietwaar?! En als zij een ander verhaal zou opdissen, zou zij dàt maar aannemelijk moeten zien te maken!! Zo was dat!!
Maar ondertussen had ik mooi niets te eten. Ik ging op mijn bed liggen. Tot vanavond moest ik het zien uit te houden. Misschien kon ik nog wat slapen…..

Een auto!!! Zou ze dan toch nog…..? lk sprong uit bed en draaide de sleutel in de balkondeur om. Ja verdomd, daar stond het groene wagentje! "Ik kom eraan!" riep ik gehaast en hals over kop stormde ik de kamer uit, de gang door, naar beneden.
"Hör mal, es tut mir wirklich leid," ze stond naast haar auto, haar ogen schuldbewust op mijn ontvelde neuswortel gericht, "maar ik moet meteen weer weg." Godverdegodver!!! Wat nou weer!?! "Aber sei mir nicht böse. Ik had een afspraak met de kapper, ganz vergessen!" Nou, daar moest ze nu nog naar toe, zo te zien. "En daarna moet ik nog bei meiner Mutti langs. Daarna kom ik dan terug om je op te halen, goed?"
Wat moest ik? Een half ei of de lege dop..... "Okay," zei ik ten langen leste, "hoe laat?" Ik moest haar laten merken dat ik het haar zeer kwalijk nam. Dat ik niet met me liet sollen. Zeker was ik boos…..
"Dat weet ik nog niet. Zal ik je hier ophalen of in het zwembad?"
"Nee, hier." Ik vertoonde me onder geen beding in mijn eentje in het zwembad vandaag.
"Goed."
Ze stapte in, schakelde, draaide en reed weg.
Ik stak een hand op, maar of ze de groet beantwoordde, kon ik niet meer uitmaken.
Nu ik toch beneden was, bleef ik daar maar. Hoe lang zou een bezoek aan de kapper duren? Ze had een afspraak, dus zou ze niet te lang hoeven wachten..... 'n uurtje? En dan nog even naar Mutti.…. anderhalf uur bij elkaar?
Om half drie was ze terug. Ik was in de tussentijd op zoek gegaan naar het tweedehandswinkeltje waar Edward die Lederhosen vandaan had niet dat ik zo'n geval had willen hebben, maar ik moest toch iets?! In Segheim was op zondag natuurlijk helemaal niets te beleven , maar had het niet kunnen vinden. Ik had het hele stuk naar de speeltuin gelopen (dwars over het gras, langs de boerderij die ik vanuit mijn raam kon zien liggen, langs Yoshi en achter de kerk langs) en weer terug via het kleuterschooltje. Ik had in mijn broekzak een vergeten pakje kauwgom gevonden en was uiteindelijk weer op mijn kamer terechtgekomen en begonnen aan een brief (ik had bedacht, dat ik het papier het beste gewoon dubbel kon vouwen, adres erop en postzegel, en dan versturen plakband zouden ze toch wel ergens hebben, hier!), waarin ik kon bedanken voor de 'prachtige' kaart.
Om half drie dan zag ik haar uit mijn venster komen aanscheuren.
Was ze nou naar de kapper geweest? Ja toch….? Of…..?
"Wat zullen we doen?" begon ze.
De middag was half om. Moest ìk het zeggen? Wat behoorde nog tot de mogelijkheden?
"Het is zulk mooi weer. Zullen we naar het zwembad gaan?" nam zij het voortouw opnieuw.
Of all places!
"Of vind je dat vervelend?"
"Nee hoor, ik vind het best."
Samen reden we naar het zwembad. We zochten een plaatsje ergens achteraan, bij het hek. En samen lagen we daar in het gras. De anderen hadden niet eens opgekeken en lieten ons met rust. De kinderen gelukkig ook. En als het me toch benauwde om de een of andere reden, stond ik op en maakte als Bademeister even een rondje om het bad. Ze lachte dan naar me als ik terugkeerde. We kusten.
Mildred was rechtop gaan zitten en spitte in haar tasje. Er kwamen een notitieboekje en een stompje potlood uit tevoorschijn. "Ik zal je mijn adres geven, dan kun je me, als je terug in Holland bent, schrijven."
"Voorlopig blijf ik nog even," zei ik, "tot het eind van de zomer." Toch schreef ze. Vooruit, dan moest ze mijn adres ook maar hebben. Terwijl ik schreef, realiseerde ik me dat ze mijn gegevens eventueel zou kunnen gebruiken als ze toch zwanger zou blijken te zijn. Ik vroeg me af of dat soms achter deze ‘spontane’ actie stak, er was echter niets meer aan te doen: ik had mijn naam, straatnaam en nummer al in het aangereikte agendaatje genoteerd en ze zou nu zo bij de Verwaltung kunnen nagaan of het klopte of niet. Ik kon er niets meer aan veranderen. Zorgvuldig borg ze het opschrijfboekje in een vakje van haar schoudertas.
Niet lang daarna kwam Karla bij ons. Karla die altijd een beetje nukkig keek. Ook al. Ze hadden elkaar veel te vertellen. Ik luisterde naar de klanken, ving af en toe flarden van zinnen op. Hoe normaal was het, met de meisjes uit het Gästehaus heerlijk ontspannen op het gras bij het zwembad te liggen!?
"Heb je zin vanavond uit te gaan?" vroeg Mildred mij.
"Jawel, natuurlijk." Zolang ik maar niet in de een of andere rechts extremistische bijeenkomstentent verzeild raakte. Overal moest tenslotte rekening mee gehouden worden, had ik intussen geleerd. Weer praatten zij samen. Ik hoorde iets van een discotheek het zou dus wel meevallen dit keer en Schöffling. “Oberschöffling, Unterschöffling, Mittelschöffling?” schoot me door het hoofd. Ik richtte me op.
"Zeg, ik ken een mop….."
Maar Mildred keek op haar horloge en zei: "Het is bijna kwart voor vier en ik moet nog langs Mutti." Alweer?! Of was dat er vanmiddag vanwege mij bij ingeschoten? Ze sjorde haar broek omhoog. "Ich geh' dann jetzt. Vanavond kom ik je weer ophalen, goed?"
"Okay," zei ik en ik kreeg een volle zoen.
Ze trok haar T shirt recht. Ook Karla was inmiddels opgestaan.
"Tot straks," zeiden ze en samen wandelden ze weg.
Ik bleef nog even lekker doezelen. De zon scheen pal in mijn gezicht. Vanavond zou ik haar mijn mop wel vertellen. En later zouden we dan nog wel eens naar dat riviertje, om te picknicken.

's Avonds at ik met John en Powers. We kregen Wurstsalat. "The worst salad you've ever eaten!" maakte Powers ervan, maar het smaakte goed.
"So you've got yourself a date with Mildred?"
"Ja."
"Where are you going?"
"Een of andere discotheek. En what about you? What are you gonna do tonight?"
"We can try Don Anshelm first," stelde John mismoedig voor aan Powers.
Die keek nauwelijks op van zijn bord, bromde alleen maar: "Yeah fine, kunnen we doen. Big fun!"
Ik kreeg het gevoel spelbreker ergens van te zijn. Was het allen voor één en één voor allen geworden opeens? Ik had toch ook niet deel aan alles wat de Amerikanen deden!
De schaal was leeg. Er werd op horloges gekeken. "Well, enjoy yourself," zeiden ze en weg waren ze. Zeker naar hun kamer om zich nog even op te knappen alvorens naar Don Anshelm te gaan. Namen ze 't me echt kwalijk?
Weer zat ik te wachten, aan dezelfde tafel als vanmorgen, en opnieuw bekroop me het gevoel hier voor niets te zitten. Maar wat kon het mij ook schelen! Dan bezatte ik me gewoon hier! 's Avonds waren er bekenden genoeg, meestal. Het morsige mannetje, dat ik er nu toch echt van verdacht de kok te zijn, schuierde de keuken uit. Zijn neus was behoorlijk veel roder (tegen paars aan) dan vanmorgen en zijn kin glom van het vocht. Paul liep pal achter hem om koers te houden. Hij liep gebogen en had in zijn rechterhand een slap leren aktetasje. Hij groette niet, maar murmelde wat in zichzelf. Niet lang daarna verschenen Mildred en Karla. We gingen meteen.
Mildreds autootje raasde door bossen en weilanden. Nu en dan jakkerden we huizen voorbij. Tot we ergens buiten een dorpje belandden, waar naast een oude schuur waarop in wereldse letters "Atlantik" in neon stond, een ruime parkeerplaats was.
In de dancing was het verre van druk. Maar het was nog vroeg….. We kozen een tafeltje. Mildred wilde cola drinken en Karla iets wat ik met geen mogelijkheid kon verstaan, hoe vaak ze het ook herhaalde. Zij zou dan wel bestellen, zei ze. Wat ìk wilde. Bier (uiteraard)! Ik stelde voor desalniettemin te betalen maar daar wilde ze niet van weten. Met haar kralenbestikte tasje liep ze naar de bar.
Er werd aardige muziek gedraaid. En in een discotheek, dacht ik naïef, moest gedanst worden, daarom ging je nu eenmaal naar een discotheek. Ik wachtte tot een nummer inzette dat ik kende en waar ik wel op zou kunnen swingen. "Möchtest du tanzen?" vroeg ik Mildred. Ze verstond me niet door het harde geluid en ik moest mijn vraag herhalen: "Willst du tanzen?" Nou nee, daar had ze niet zoveel zin in!! Waarom in godsnaam waren we nou eigenlijk naar een discotheek gegaan? De drankjes waren ongetwijfeld peperduur, een gesprek was niet te voeren en je ogen hadden overwerk om alle flitsen, kleurschakeringen, bewegende schijnsels en overgangen van licht naar donker en omgekeerd bij te benen. Hadden we niet beter een eenvoudige kroeg in kunnen duiken? Even dacht ik er nog over om Karla te vragen. Maar nee, ik was uit met Mildred, niet met Karla. Wat moest die er eigenlijk bij? Bovendien, als die ook zo botweg zou weigeren, zou ik helemaal voor joker zitten! Ritmisch met mijn schouders bewegend bleef me niets over dan met lede ogen naar de danspaartjes op de vloer te kijken (vooral naar de vrouwelijke helft ervan) en ik dronk mijn bier met kleine slokjes zodat we gedrieën ongeveer gelijktijdig ons glas leeg zouden hebben.
"Nog wat drinken?" vroeg ik en maakte voor de duidelijkheid meteen een gebaar met de hand, anders had ik het weer drie, vier keer kunnen herhalen.
Ja, dat wilden de dames wel. Ik verzamelde de glazen en schreeuwde naar de dame achter de tap, dat ik een bier wilde, een cola en nog zo'n drankje in zo'n glaasje, waarbij ik Karla's glas, dat de vorm van een klein cognacglas had, omhooghield. Er werd eenzelfde exemplaar van onder het buffet gepakt en onder een tegen de wand bevestigde, op z'n kop hangende fles gehouden. "Asbach Uralt" las ik. Daarna werd het glaasje bijgevuld met cola. Hoe het nu heette, wist ik nog steeds niet.
Gezellig zaten we daarna met ons drieën achter een tafeltje stommetje te spelen. Als de muziek het toegestaan zou hebben, had ik misschien mijn mop kunnen vertellen.....
Ik sloeg een been over het andere en zakte achterover.
"Zullen we opstappen?"
Wat nu?! Ik had mijn glas nog niet leeg en veerde op. Zij wel! "Opstappen? Waarheen?"
"Wir wollten nach Schöffling. Dort gibt's ein Sportfest."
Een Sportfest…..? Als ze al niet wilden dansen??? Staande sloeg ik mijn glas achterover. Daarna moest ik doorlopen, want de dames waren al buiten.
Het was donker geworden. We sjeesden de landweggetjes over, passeerden bordjes met "Schöffling 2 km; Oberschöffling 4 km". Het bestond echt! Unterschöffling kon niet ver verwijderd zijn.
Het dorp leek uitgestorven toen we het binnenreden. Mildred scheen echter zeker van haar zaak en twee minuten later reden we de bebouwde kom weer uit. In de verte werd ik een vaag lichtschijnsel gewaar. Allengs werd het groter en lichter, zodat een bijna heldere plek ontstond. We waren bij een grote circustent gekomen met een enorme parkeerplaats erbij, waar we zonder problemen de auto kwijt konden.
Bij de ingang van de tent stonden jongens naar binnen te gluren. Rockmuziek weerklonk: gitaren en drums! Een echtpaar kwam naar buiten, gevolgd door een straalbezopen dikke Duitser.
Ik liep naar de opening in het tentzeil. Het krioelde binnen in een zee van licht. Ik zag een serveerster lopen met een dienblad met wel tien halve-literpullen erop. De meisjes waren er eindelijk ook bij gekomen. We moesten ons tussen twee tafels doorwurmen om binnen te komen. Een van de mannen die er op een stoel bij zat, kreeg van Mildred en Karla een muntstuk en gaf ze een stempel op de hand. "Wieviel ist es?" vroeg ik, want dat had ik niet kunnen zien.
"’n Fünfer," zei de man. Ik overhandigde het geld en kreeg eveneens een stempel, een rondje met een soort vlinder erin. Ik was binnen. Tafels stonden in rijen naast elkaar met lange houten banken ervoor. Slechts hier en daar was een plaats onbezet. Verderop leek het rustiger. Aan de zijkanten van de tent waren stands waar bier verkocht werd (één soort en halve liters) of patat of Schaschlick of Bratwurst mit Brötchen. En helemaal aan het eind was een verhoging waar mensen dansten op de muziek van de band, die op een extra verhoog daar nog weer achter stond. Er waren twee gitaristen, van wie een ook de zangpartijen voor zijn rekening nam, een drummer en twee blazers. Ze speelden covers van bekende nummers.
Mildred werd van alle kanten begroet. "Du Mildred! Du Süße!" kwam een gladgeschoren snelle boy op ons af. Mildred scheen hem te kennen, want ze kusten elkaar op de wang, drie keer, en raakten in gesprek.
Overal zag ik van die grote pullen op tafel, sommige leeg, maar de meeste met een laagje of halfvol. Ik zag schreeuwerige Duitsers hijsen en zingen, vrouwen fijngeknepen worden. Een jongen was met zijn voorhoofd op het tafelblad in slaap gesukkeld. Kartonnetjes waarop Bratwursten gelegen hadden, lagen her en der verspreid. "Du Ron," zei Mildred tegen mij met dat uit een advertentie voor aftershave weggelopen figuur aan haar arm, "ich bin gleich wieder da. Zoek jij even een plaatsje." En Karla? Die was nergens meer te bekennen. Ja toch, daar stond ze op de dansvloer met een buikige tuinkabouter. Ze lachte.
Ik ging eerst eens een Halbe halen. Dat plaatsje kwam daarna wel….. Dicht bij het podium was nog plaats zat. Tenminste, aan de rechterkant….. Aan de linkerkant was het juist heel druk. Daar was het trapje naar boven, maar ik zag ook coniferen aan de zijkant van de Bühne en een soort vliegengordijn, waarachter zich ook nog het een en ander scheen af te spelen.
Ik liep, mijn glas aan het oor beethoudend, naar een tafel die slechts half bezet was. De band kondigde juist een pauze aan, dus ik was waarschijnlijk net op tijd. Ik knikte eens vriendelijk naar de plaatselijke bevolking die mij met boerse gezichten monsterde. Wat moest zo'n vreemde gast op hun feest? Welnu, ik had het vaste voornemen me te vermaken vanavond. Karla had een glas cola en kwam bij me zitten. Ik keek waar Mildred gebleven was. Ze kwam er juist aan, zonder glas. En ze wilde ook niets.
"Dat was een oude vriend." vertelde ze en meteen daarop kwam er een man naar onze tafel ook een oude vriend blijkbaar die eveneens een geanimeerd gesprek begon.
De band zette een oud Beatlesnummer in: We can work it out. "Tanzen wir?" beproefde ik opnieuw en als om te onderstrepen dat de wonderen de wereld nog niet uit waren, wimpelde ze deze nieuwe oude vriend af en zei: "Ja, gut."
Het volgende nummer was ook voor ons, en het daaropvolgende. Maar toen was ze toch wel moe geworden….. Ik sloeg een arm om haar heen toen we terugliepen. Ze richtte haar hoofd naar me op. Ik kon niet anders dan een kus op haar lippen drukken.
Maar we zaten nog maar net, of daar was alweer een knul die Mildred goed kende. En vooruit, ze danste dan nog maar een rondje met deze kwibus. Ik besloot ondertussen eens uit te zoeken wat er achter het vliegengordijn naast de dansvloer te doen was. Al die mensen verdwenen daar niet voor niets in. Als er alleen een toilet zou blijken te zijn, zou ik daar mooi gebruik van kunnen maken.
Het afgeschutte hokje zag blauw van de sigarettenrook. Er was geen wc, wel een bar, waarachter drie mensen hielpen. Aan de wand hing een bord:
Whisky Cola DM 6,
Wodka Cola DM 6,
Wodka Orange DM 6,
Gin Orange DM 6,
Asbach Cola DM 6,
Asbach Orange DM 6,
Ik tastte naar mijn portemonnee en nam een whisky cola. Het was een klein scheutje whisky met veel cola.
Mildred was nog steeds aan het dansen. Karla had inmiddels aangepapt met een kerel die mij te hard brulde. Ik liep een rondje door de tent. We konden straks wel een portie patat nemen, als we honger hadden. De jongens bij de ingang stonden er nog altijd te gluren. Een meisje met lang donker haar dat bij allemaal mannen en een paar oudere vrouwen aan tafel zat en bepaald ongelukkig keek, trok mijn aandacht. Ze was zeker niet onknap. Ik hief mijn glas toen geen van haar tafelgenoten het zag. Verdomd, ze glimlachte! Maar mijn glas was leeg inmiddels en ik haalde mijn schouders op. Ze sloeg haar ogen neer en keek een andere kant uit. Ik liep terug naar de bar.
Mildred zat aan de tafel met Karla te praten.
"Whisky Cola, bitte!" schreeuwde ik tegen een van de barmensen en legde geld neer.
Thelma en Elsbeth waren er nu ook, zag ik, tussen de gekleurde linten doorstappend. En Mildred werd net weer door een ander de vloer opgetroond. "Hi," zei ik.
"Hallo, wie geht's dir?"
"Prima." Die dacht zeker dat zo'n kater eeuwig bleef. "Ausgezeichnet." De barkeeper was zeker uitgeschoten: het drankje brandde in mijn keel.
Maar ook deze twee bleken vele bekenden te hebben en razend populair te zijn en al gauw stond ik weer in m'n eentje in de ruimte van mijn glas te nippen. Soms plofte ik door een duw tegen de zijkant van het danspodium dat zich naast de bar bevond en bleef daar dan een tijdje als aan meerkabels hangen. Het derde glas smaakte jammer genoeg weer net als het eerste. Ik liep ermee door het middelste gangpad. Daar stond Thelma met haar gewelfde witte blouse weer. Ze had een sigaret tussen twee vingers van haar rechterhand.
"Dat had ik nou nooit verwacht, dat jij zou roken." Waarom niet, wist ik zelf ook niet zo recht. Omdat ze die eerste avond had moeten rijden misschien…..
"Darf ich?"
"Ja natuurlijk, ga vooral je gang! Mij stoor je er niet mee, hoor!"
Ze nam een haal en blies de rook omhoog.
"Mooi." Ja, waarom ook niet? Ik nam een slokje.
Er moest gepraat worden, geconverseerd..... Maar waarover?
"Mooi feest."
"Ja," beaamde ze. "Gefällt's dir hier?"
"O ja, fantastisch."
Achter haar zag ik Mildred met een aangeschoten kerel overleggen. Zo waren er wel meer. Hij glimlachte aan één stuk door, zijn ogen vielen bijna dicht en zijn handen maakten roeibewegingen om in evenwicht te blijven.
"Ik heb het best naar mijn zin, vermaak me opperbest."
Ze praatte tegen hem en hij legde zijn zweetarmen om haar nek.
"Schranke ist ein prima Dorf.”
Ze kwam onze richting uit. De zatlap was tegen een tafel aan gezet.
"Du Ron, es tut mir wirlklich leid, aber ich kann dir heute nicht nach Hause bringen….."
"…..!?!"
"Ik moet een kennis wegbrengen….. Ik heb met Elsbeth en Thelma overlegd; die brengen je wel terug naar Schranke."
"…..!!!"
"Je moet het me niet kwalijk nemen, maar het kan niet anders. Ich erklär's dir schon."
De palen die de tent gestut hadden, werden door een reuzenhand van hun plaats gereten en onder oorverdovend gekraak donderde het tentzeil op ons neer, terwijl tegelijkertijd de grond onder mijn voeten hellend begon te golven.
Gearmd liepen ze over de puinhopen mijn leven uit. Ze keek nog even om ook!
"Kom," (ook ik kreeg een arm) "we gaan ook zo naar huis. Het is één uur en de band is al gestopt." (ik werd op een bank gezet) "Ik ga even kijken waar Elsbeth is." Er zou morgen heel veel verzonnen moeten worden. Trut!! Het was gewoon een gore hoer, meer niet! Ze nam natuurlijk wel vaker mannen mee, zomaar. En daar had ìk op gelegen!
Elsbeth en Thelma namen me tussen zich in. Ik voelde in mijn achterzak de ansicht kreuken toen ik me op de achterbank van het witte VW'tje liet vallen. Thelma schoof naast me. Ik voelde haar zware borsten en was blij met de geborgenheid van het moment, maar ik had er geen zin in.
Voor Haus Theresia draaide Elsbeth zich om. We moesten eens gaan dansen in Heftling, als ik wilde. Zij wisten daar een goede discotheek.
Ja, dat moesten we zeker eens gaan doen, dansen in Heftling…..
Maar voorlopig had ik geen behoefte. Nu wilde ik alleen zijn, en slapen…..


Adriaan @ 13-01-2005 22:33:07
Het viel te verwachten dat het zo zou lopen met Mildred. Dat is goed en duidelijk verwoord.
Het laatste stuk: ' De palen die de tent gestut hadden, werden door een reuzenhand van hun plaats gereten en onder oorverdovend gekraak donderde het tentzeil op ons neer, terwijl tegelijkertijd de grond onder mijn voeten hellend begon te golven.' mag - zeker in vergelijk met alle andere gedetailleerde uitwerkingen - uitgebreider en dramatischer worden uitgewerkt. Zeker in contrast met de teleurstelling over Mildred.





Het plaatsen van reacties kan alleen als u ingelogd bent. Klik hier om naar de inlogpagina te gaan.


Copyright © 2002-2018 Geoffrey Reemer en René Claessens